VERKIEZINGSPROGRAMMA

HOOFDPUNTEN

Ieder voor zich of samen?

Amsterdam, de meest diverse stad van de wereld. Niet je identiteit geldt, maar je mentaliteit. Eerlijk, open en met het hart op de juiste plek. Iedereen kan hier zijn dromen waarmaken. Daarom willen we de beste meesters en juffen voor onze kinderen. Zo voelt iedereen zich hier thuis.

Geld centraal of mensen centraal?

Amsterdam mag geen inwisselbare westerse hoofdstad worden als Londen of Parijs waar alles maar om geld draait. Wij willen dat alle Amsterdammers profiteren van het succes van de stad. Zo blijft Amsterdam een thuis voor iedereen.

Onbetaalbare stad of betaalbare huizen?

Gemengde wijken ontstaan niet vanzelf maar vergen politieke keuzes; bescherm sociale huurwoningen en bouw heel veel nieuwe huizen. Voor jongeren, gezinnen en studenten. Zodat alle Amsterdammers hier een thuis hebben.

NEGEN SPEERPUNTEN

1
120.000 nieuwe woningen bouwen waarvan 80% voor betaalbare huizen (sociale huur en middenhuur).
2
Bescherm onze betaalbare huurwoningen. De stad heeft tienduizenden sociale huurwoningen extra nodig.
3
Alleen wie hier komt wonen, mag hier kopen. We beschermen de stad tegen investeerders en beleggers die alleen maar geld willen verdienen aan de stad.
4
We stoppen met vakantieverhuur zoals Airbnb. Het begon als een sympathiek idee, maar er zijn nu hele straten waar geen Amsterdammer meer woont, terwijl de overlast enorm is.
5
De wijken die er al (te) lang op wachten, krijgen een enorme opknapbeurt.
6
10.000 banen erbij; concierges, reinigers, handhavers; banen waardoor de stad mooier en leuker wordt.
7
Iedere sociale huurwoning wordt de komende vier jaar echt goed geisoleerd. Goed voor het milieu, goed voor de energierekening en goed voor duizenden banen.
8
We zorgen voor de beste meesters en juffen. We investeren juist in de scholen op de moeilijkste plekken. Kinderen gaan met elkaar naar een fijne buurtschool.
9
Discriminatie en uitsluiting zullen we altijd bestrijden. Weg met de onder-advisering op school en arbeidsdiscriminatie!

VIDEO

DOWNLOAD

Klik hier om het verkiezingsprogramma als PDF te downloaden


TEKST

Woord vooraf

Amsterdam. Damsko. Mokum. Allemachtig wat houden wij Amsterdammers van onze stad. Zou het ook in andere steden bestaan? Dat je vlinders in je buik krijgt als je door je stad fietst? Er is zoveel om van te houden, zoveel wat karakteristiek Amsterdams is. Het zonlicht over de grachten, een schoolklas met twintig verschillende nationaliteiten, een rinkelende tram, een biertje in een bruine kroeg. En al die verschillende Amsterdammers.

Amsterdammers geven Amsterdam een uniek karakter. Eigenwijs, eigenzinnig, dapper, sociaal, met het hart op de tong, maar vooral het hart op de goede plaats.

Zijn wij een lieve stad? Vaak wel. Soms niet. Maar het gaat erom dat we het willen zijn. Ons best ervoor willen doen. Het is een opdracht aan onszelf. Een opdracht om naar elkaar om te kijken, om voor elkaar te zorgen en te zorgen dat Amsterdam Amsterdam blijft. Vrij, bruisend en sociaal. Dat wie hier thuis is zich ook thuis voelt. Een stad waar je bij elkaar kan schuilen. Nu en straks.

Wij Amsterdammers kiezen op 21 maart de richting die onze stad op gaat. Kiezen we voor een gelukkige stad of voor de happy few? Voor mensen of voor de markt? Voor samen of apart? Voor iedereen of voor een enkeling?

Wij kiezen ervoor om het unieke karakter van Amsterdam te koesteren. Wij kiezen voor een stad waar je thuis kan zijn, ongeacht de dikte van je portemonnee. En waar je je thuis kan voelen, wie je ook bent en waar je ook vandaan komt.

En daarvoor is het nodig dat er veel meer betaalbare huizen worden gebouwd. Wij willen dat er 120.000 woningen bijkomen tot 2030. En we kiezen ervoor om bestaande huizen ook betaalbaar te houden. We verkopen geen betaalbare huurhuizen zolang de vraag het aanbod overtreft. En al helemaal niet in buurten waar er bijna geen betaalbare huizen meer te vinden zijn. We beschermen onze overspannen woningmarkt tegen beleggers en de uitverkoop van de stad en willen daarvoor een Amsterdamwet. En we stoppen met AirBnB, want huizen zijn om in te wonen en geen verdienmodellen.

Thuis ben je in een stad waar goed werk is, waar goed onderwijs wordt gegeven, met veel groen, een schone lucht en schone straten. Met name de wijken die al lang wachten op een opknapbeurt, knappen we op. En we zorgen voor 10.000 extra banen. We willen meer handhavers, reinigers, leraren en extra handen in de klas. En we zorgen dat een warmwoningteam aan de slag gaat dat corporatiewoningen isoleert. Dat levert niet alleen veel extra werk op, maar ook minder woonlasten en een beter milieu.

Je thuis voelen kan alleen als je je welkom voelt en mee kan doen. Uitsluiting, discriminatie en segregatie zijn niet alleen onacceptabel maar moeten ook actief worden bestreden. Schooladviezen mogen nooit afhankelijk zijn van je afkomst. En scholen horen plekken te zijn waar je elkaar ontmoet, in plaats van sorteermachines. In een stad als Amsterdam zou geen kind in armoede moeten opgroeien en zou niemand zich eenzaam moeten hoeven te voelen.

Je thuis voelen, kan alleen als je grip houdt op je eigen leefomgeving. We mogen onze stad niet af laten pakken door mensen en bedrijven die alleen maar geld willen verdienen aan onze stad. Die er liefdeloos voor zorgen dat Amsterdam steeds duurder, drukker en onleefbaarder wordt. Wij houden van Amsterdam en willen er daarom met lef voor strijden dat zij een stad blijft voor iedereen.

Op 21 maart kiezen we voor de toekomst van Amsterdam. Wij kiezen voor een gelukkige stad, een thuis voor alle Amsterdammers.

Marjolein Moorman
Lijsttrekker

1. Goed wonen in een gemengde stad

Amsterdam groeit als kool. Inmiddels zijn we de 840 duizend inwoners ruimschoots gepasseerd. De komende tijd komen er jaarlijks 10.000 nieuwe Amsterdammers bij. We naderen de grens van 1 miljoen inwoners. Wij snappen wel dat iedereen naar Amsterdam wil komen, want het is de mooiste stad op aarde.

Maar de populariteit heeft ook een keerzijde. Door haar magneetwerking rijzen huizenprijzen de pan uit. Het risico is dat op termijn alleen nog maar degene met de dikste portemonnee zich kan vestigen in Amsterdam. Zo ontstaat een stad waarin rijk bij rijk en arm bij arm woont: on-Amsterdams en ongewenst.

De PvdA ziet het als haar opdracht om onze stad te beschermen tegen de marktmachten die zich van haar meester dreigen te maken. Wij willen het diverse, rijkgeschakeerde karakter van onze stad behouden en zo mogelijk verbeteren. Daarom zijn we streng voor mensen en bedrijven die alleen maar geld willen verdienen aan onze populaire stad, terwijl Amsterdammers de prijs betalen. En daarom willen we dat er veel meer gebouwd wordt, in alle prijscategorieën, voor alle levensfases en met meer oog voor kwaliteit. We willen de bestaande woningvoorraad vrijwaren van voortdurende prijsstijgingen, zodat er voor iedereen plek blijft in Amsterdam, ongeacht inkomen. Kopen-kopen-kopen mag niet de norm zijn. De ruimte voor sociale- en middenhuur moet gegarandeerd blijven, in alle wijken en buurten van de stad.

Bouwen, bouwen, bouwen en betaalbaar houden

In iedere levensfase hebben mensen een andere woonbehoefte. Wie start op de arbeidsmarkt, wie wil doorleren, wie op zichzelf wil wonen, wie een ruimere woning zoekt voor het uitdijende gezin, wie kleiner wil wonen als de kinderen het huis uit gaan, wie minder goed ter been is - allemaal hebben ze niets aan eenheidsworst.

De PvdA wil al deze huidige en toekomstige Amsterdammers goede woningen bieden. Als we niet gericht bijbouwen en de bestaande woningen niet betaalbaar houden, neemt de druk op de woningmarkt nog verder toe. Dat zal vooral lagere en middeninkomens treffen. De sociale huurvoorraad, eigendom van woningcorporaties, maakt onze stad uniek in de wereld. Dat biedt volop de kans om het prettig gemengde karakter van Amsterdam te behouden.

  • Tot en met 2030 bouwt Amsterdam 120.000 nieuwe woningen. We houden vast aan de verdeling 40% sociaal, 40 procent middensegment en 20 % duur bij nieuwbouw.
  • De productie van nieuwe betaalbare woningen is de afgelopen jaren onnodig achtergebleven. Omdat veel mensen op een betaalbare woning zijn aangewezen, is het hard nodig dat we sneller gaan bouwen. We sluiten een productie-akkoord en zorgen ervoor dat de gemeente genoeg mankracht heeft om een hogere bouwproductie te realiseren. Voor het realiseren van de hoge bouwproductie is een goede samenwerking met de regiogemeenten van groot belang. Alleen samen met de omliggende gemeenten kan Amsterdam de enorme druk op de woningmarkt opvangen. De PvdA wil daarom in regionaal verband de mogelijkheden onderzoeken hoe de bouwproductie in de regio kan worden opgevoerd.
  • Betaalbaar bouwen mag niet betekenen dat er alleen maar kleine woningen worden gebouwd. Er moeten ook betaalbare woningen voor gezinnen worden gebouwd.
  • Het aantal sociale huurwoningen is de afgelopen jaren enorm afgenomen door verkoop en liberalisatie. Daardoor ontstaat een enorm tekort aan betaalbare woningen. Het is daarom niet logisch om nog meer sociale huurwoningen te verkopen. We willen juist dat het aantal betaalbare huurwoningen groter wordt. Amsterdammers zijn trots op hun gemengde wijken, waar inkomensgroepen dwars door elkaar heen wonen. Dat willen we graag zo houden. De menging kan per gebied variëren, maar de stad blijft overal toegankelijk en betaalbaar voor alle inkomensgroepen.
  • Wij vinden dat In heel Amsterdam geen corporatiewoningen verkocht of geliberaliseerd mogen worden. Bij hoge uitzondering kan na advies van het stadsdeel en na toestemming door de gemeente hiervan afgeweken worden. Deze uitzondering geldt echter niet voor die gemeentelijke gebieden waar het corporatiebezit minder dan 35% is (8 van de 22 gemeentelijke gebieden heeft minder dan 35% corporatiewoningen).
  • Middenhuur woningen tot 950 euro zijn hard nodig. Daarom zorgen we ervoor dat 40% van de nieuwbouw in het middensegment terecht komt . In erfpachtcontracten leggen we vast dat middenhuur voor altijd en eeuwig middenhuur blijft.
  • Doorstroming van sociale huur naar middenhuur is wenselijk. We stimuleren dit door voorrang te geven aan doorstromers bij de verdeling van de nieuw te bouwen middenhuur woningen. Wij willen dat de inkomensgrens om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoningen wordt verhoogd, tenminste naar 45.000 euro.
  • We willen een Amsterdamwet die voorkomt dat huurwoningen allemaal in de duurste categorie terechtkomen. Amsterdam moet de wettelijke mogelijkheden krijgen om de huurvoorraad in het middensegment beter te beschermen. Dit kan door de puntentelling aan te passen zodat het op een groter deel van de huurvoorraad betrekking zal krijgen, en door meer handvatten te geven om speculanten te weren.
  • Woningen moeten verhuurd en verkocht worden aan mensen die er echt gaan wonen en niet aan beleggers. We willen de huisvestingsvergunning herinvoeren, waarbij woningen alleen terecht kunnen komen bij mensen met een maatschappelijke of economische binding met Amsterdam. Bijvoorbeeld omdat je hier studeert, werkt of al woont.
  • Ook de koopmarkt moet toegankelijk zijn voor mensen met minder geld. Daarom willen we experimenteren met Koopstart, Co-koop of Maatschappelijk Gebonden Eigendom (MGE). Mensen met een inkomen tot 50.000 euro kunnen met korting een woning kopen, samen met de gemeente. De gemeente blijft daardoor deels aandeelhouder van de woning en kan bij verkoop de prijs betaalbaar houden.
  • Energiebesparing drukt de woonlasten en draagt dus bij aan betaalbare woningen. Wij willen dat de gehele corporatievoorraad versneld wordt geïsoleerd en zetten daarvoor een warmwoningteam aan het werk. Dat zorgt ook voor nieuwe banen en is bovendien goed voor het milieu.
  • Amsterdam is een studentenstad. Samen met onderwijsinstellingen en studentenvertegenwoordigers maken we een nieuw actieplan studentenhuisvesting. Daarnaast streven wij ernaar dat alle nieuwe sociale corporatiewoningen een kale huur hebben van maximaal € 500 per maand.
  • Wij helpen studenten die worden opgeleid voor beroepen die cruciaal zijn voor Amsterdam aan huizen. Dat speelt bij beroepen met moeilijk te vervullen vacatures zoals leraren basisonderwijs en verpleegkundigen. Voorwaarde is dat ze in Amsterdam aan het werk gaan. We maken 1000 woningen beschikbaar waarin studenten na hun studie nog vijf jaar mogen wonen als zij meester, juf of verpleger worden.

Huizen zijn om in te wonen

Onze woningvoorraad is beperkt. Daarom moeten we er extra alert op zijn dat huizen ook echt gebruikt worden om in te wonen. Huizen zijn niet bedoeld voor hotelexploitatie, speculatie of om beleggers rijker te maken. Om Amsterdam toegankelijk en betaalbaar te houden moeten we streng zijn tegen mensen en bedrijven die onze woningvoorraad misbruiken om er zelf beter van te worden.

  • Vakantieverhuur - het verhuren van gehele woningen via commerciële sites als Airbnb -heeft deafgelopen jaren een toenemende hoeveelheid problemen veroorzaakt in Amsterdam. Woningen worden verdienmodellen. Huizenprijzen worden opgedreven. Overlast en drukte nemen toe en de sociale cohesie verdwijnt uit portieken en straten. We pleiten daarom al jaren voor beperking. Maar tot nu blijkt het nauwelijks beheersbaar. Handhaving kost de stad miljoenen. Amsterdammers betalen de rekening terwijl multinationals er met de winst vandoor gaan, belasting ontduiken en regels negeren. Bovendien is er sprake van een fundamentele ongelijkheid. Maar een kleine groep huizenbezitters profiteert, terwijl de overgrote meerderheid alleen maar opdraait voor de kosten. Het is tijd voor een duidelijke streep. Er komt een verbod op commerciële vakantieverhuur van volledige woningen, net als in steden als Berlijn en New York. Bed-and-breakfast en woningruil blijft wel mogelijk.
  • We stellen een vergunningplicht in voor bed-and-breakfast aan huis of op woonboten. Zo kunnen we beter handhaven en het aantal bed-and-breakfast binnen de perken houden.
  • Onttrekking van woningen, illegale verhuur, overlast en achterstallig onderhoud zijn prioriteit nummer één bij de handhaving. Daarvoor maken we voldoende geld vrij.
  • Woningdelen blijft toegestaan, mits de huren fatsoenlijk zijn en de woonruimte niet te beperkt wordt. Verkamering - het opdelen van een huis in zoveel mogelijk kleine woonruimten om zoveel mogelijk te verdienen - staan we niet toe.
  • We bestrijden het fenomeen ‘buy to let’, waarbij beleggers woningen opkopen om tegen een zo hoog mogelijk bedrag door te verhuren. Daarvoor zetten we alle mogelijke instrumenten in, zoals herinvoering van de huisvestingsvergunning, bindende afspraken over kettingbedingen en bepalingen over uitponding in erfpachtcontracten.
  • Het instrumentarium om speculatie te bestrijden wordt waar nodig aangepast. We staan niet toe dat woningen leeg blijven staan, omdat ze alleen maar dienen als speculatieobjecten van vastgoedinvesteerders.
  • Woningen moeten gezond zijn om in te leven. Onderhoud laten versloffen, om van bewoners af te komen of om te kunnen slopen, is onacceptabel. Het programma Woningkwaliteit wordt voortgezet. Sociale huurwoningen met achterstallig onderhoud als schimmel, tochtkieren, houtrot en slecht schilderwerk worden aangepakt. Bij renovatie worden de woningen meteen geïsoleerd. Huurders mogen verwachten dat hun woning voldoet aan de minimale kwaliteitseisen. Het opknappen van woningen mag daarom niet leiden tot een scherpe stijging van de huurprijs.

Kansen en zekerheid bieden

Op onze oververhitte woningmarkt lopen kwetsbare groepen grote kans het kind van de rekening te worden. De PvdA wil alle Amsterdammers woonzekerheid bieden. Daarom zijn goede woningen nodig die passen bij de verschillende levensfases die mensen doorlopen. En moet er plek zijn voor als het leven anders loopt dan gehoopt.

  • We gaan experimenteren met nieuwe methoden om ouderen met een klein inkomen aan beterewoonruimte te helpen. Er is meer gerichte nieuwbouw voor senioren nodig. Daarom investeren we in gemengde complexen als Akropolis, waar senioren veilig en prettig wonen en elkaar wederzijdse steun kunnen bieden. Doorstroomregelingen moeten minder star worden toegepast.
  • Steeds meer Amsterdammers leven met Alzheimer of hebben andere zware zorgbehoeftes. Er moet een beter passend woningaanbod komen voor deze groep. Ook levensloopbestendige woningen en woningen voor mensen in een rolstoel blijven een prioriteit. De komende jaren komen er meer woonvormen voor migrantenouderen en LHBTI-ouderen.
  • Echtscheiding leidt er vaak toe dat mensen gedwongen de stad verlaten of zelfs dakloos worden. De stad ondersteunt daarom initiatieven als Parentshouse, die rust en hulp bieden aan gescheiden ouders.
  • Mensen die bereid zijn de gemeente te helpen bij het oplossen van grote woonproblemen, bijvoorbeeld door een tijd een statushouder als logé in huis te nemen, faciliteren we zo goed mogelijk.
  • Samen met woningcorporaties en zorgverleners introduceren we nieuwe woonvormen voor mensen met meervoudige problemen die uit de maatschappelijke opvang komen. Toewijzing van huizen moet beter worden geregisseerd om onleefbare situaties in straten en buurten met een concentratie van problemen te voorkomen. Samenwerking met omwonenden en een goed vangnet voor als het onverhoopt toch misgaat horen daarbij.
  • Amsterdam bezit veel vastgoed in de stad. De afgelopen jaren is veel van dit gemeentelijk vastgoed verkocht. Doodzonde, want je kunt het heel goed inzetten voor maatschappelijk noodzakelijke taken op het gebied van wonen, zorg of cultuur. Wij willen dat het maatschappelijk vastgoed hiervoor behouden blijft.
  • Amsterdam blijft vluchtelingen met een verblijfstatus uit oorlogsgebieden als Syrië verwelkomen. De tekorten aan woningen voor statushouders die de afgelopen jaren zijn ontstaan worden versneld weggewerkt. Statushouders worden zoveel mogelijk in reguliere woningen in de buurten gehuisvest zodat ze snel hun leven in Amsterdam kunnen opbouwen. Er komen diverse complexen waarin statushouders en studenten gemengd wonen. Op korte termijn zijn vanwege de knellende tekorten aan woningen ook tijdelijke woonvoorzieningen noodzakelijk om statushouders te huisvesten.
  • Wij willen dat Amsterdam bewonersondersteuning (onder meer !Woon) ruimhartig blijft ondersteunen.

De Amsterdamse grond is van ons allemaal

Ruimte is een schaars goed in Amsterdam - zeker gezien de vele woningen die we nodig hebben. Tegelijkertijd willen we het weldadige groen in de stad behouden: de parken, volkstuinparken, sportaccommodaties en de zogenaamde groene scheggen rondom de stad. Samen met de buurgemeenten, provincie en particuliere groenbeheerders zijn we daarom zuinig op de Hoofdgroenstructuur. Om toch meer woningen te kunnen bouwen moeten we streven naar het realiseren van meer woningen op de bestaande en nieuwe bouwlocaties. Met meer woningen per hectare kunnen we behalve het groen ook het behoud van andere voorzieningen veiligstellen. De compacte stad is ook een loop- en fietsstad. We geven radicaal meer ruimte aan fietsers en voetgangers.

  • Bij de grootschalige (her-) ontwikkeling van gebieden maakt de behoefte aan maatschappelijke voorzieningen als scholen, groenvoorzieningen, buurtparken, kleinschalige volkstuinen, sport en zorg volwaardig deel uit van het plan. Ze worden waar mogelijk in tenders meegenomen.
  • Bij tenders voor nieuwe bouwlocaties zijn kwaliteitseisen en woonbehoefte belangrijker dan winst uit grondopbrengsten. Bouwwensen, woninggrootte en betaalbaarheid en andere maatschappelijke behoeften leggen we vast in de criteria van de tenders. De markttoets maakt het mogelijk dat wooncoöperaties bouwen als er vanuit de markt te weinig animo is. Daarnaast zijn er steeds meer initiatieven van bestaande (De Samenwerking) en nieuwe wooncoöperaties die graag willen bouwen in het middenhuur segment. De PvdA wil dat de gemeente bij nieuwe gronduitgiften deze coöperaties ruimhartiger behandelt dan tot nu toe het geval is. Als dat onvoldoende oplevert, beginnen we zelf een gemeentelijk bouwbedrijf, (NV Wibaut).
  • De gemeente ondersteunt initiatieven tot het starten van wooncoöperaties. Bij de verkoop van gemeentelijk vastgoed krijgen wooncoöperaties voorrang boven commerciële bieders. Zelfbouwkavels komen uitsluitend nog beschikbaar voor coöperatief bouwen. De gemeente gaat initiatiefnemers beter ondersteunen bij het ontwikkelen en uitvoeren van hun plan.
  • Verschillende wijken in vooral Noord, Nieuw-West en Zuidoost wachten al lange tijd op een opknapbeurt. Deze wijken verdienen een aantrekkelijke openbare ruimte, met kinderspeelplaatsen, meer groen en schone straten. Buurt-winkelstraten krijgen een extra economische impuls en het gaat veiliger worden. Jaarlijks investeren we 25 miljoen euro extra in deze ‘wachtende wijken’. De extra investering wordt geoormerkt als buurtbudget, waar bewoners zelf elk jaar hun prioriteiten in kunnen aangeven. De gemeente gaat bij deze stadsvernieuwing samenwerken met de woningcorporaties.
  • Samenwerking in de Metropoolregio is nodig om in alle woonbehoeften te voorzien. We intensiveren de samenwerking met directe buren, naar het voorbeeld van de samenwerking met Ouder-Amstel (Amstelpoort), Diemen (sport, afstemming bouwprojecten) en Zaanstad.
  • De regionale samenwerking wordt in ieder geval benut om gezamenlijk op te trekken op het vlak van het woonbeleid, ook richting de landelijke politiek. Daarnaast is de samenwerking cruciaal voor het openbaar vervoer, van doorrijdende trams en bussen tot het onderzoeken van aansluiting op het metro- en OV-net van gemeenten als Zaanstad en Almere.
  • Amsterdam helpt actief mee om bouwlocaties in Zaanstad, Diemen, Ouder-Amstel, Amstelveen en Haarlemmermeer te ontwikkelen. Inwoners van de regio mogen niet gehinderd worden door gemeentegrenzen. Een aantrekkelijk en goed verbonden stedelijk gebied is in ieders belang. Daar hoort bijvoorbeeld bij dat iedereen voldoende sociale huurwoningen bouwt.
  • Waardestijging van de grond moet ten goede komen aan de gemeenschap. Erfpacht voor bedrijven en corporaties blijft op dit principe gebaseerd (voortdurende erfpacht) zonder verplichte afkoop. We schaffen de afkoop-variant af in de onlangs ingevoerde eeuwigdurende erfpacht voor woningen van particulieren. We onderzoeken of we de jaarlijkse erfpachtcanon voor particulieren eerlijker, transparanter en betaalbaarder kunnen maken, door uit te gaan van historische waardebepaling van de grond aangevuld met een vast percentage voor de waardestijging van de grond.

2. Samen thuis in Amsterdam

De PvdA staat pal voor de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging, vrijheid van meningsuiting, gelijkheid van man en vrouw, de vrijheid van seksuele geaardheid en het bestrijden van discriminatie. We staan voor de vaste waarden van onze samenleving. Amsterdammers hebben de opdracht de vrijheid die zij krijgen om te zijn wie zij zijn, ook te geven aan anderen. Tolerantie en respect voor elkaar, rekening houden met elkaar, humor en trots op de stad én op elkaar zijn daarbij essentieel.

Individuele vrijheid is enorm belangrijk. Om te kunnen zijn wie je bent. Samenleven is dat ook, met al die eigenwijze, eigenzinnige, overtuigde en aardige mede-Amsterdammers. Amsterdammers die zich massaal inzetten voor anderen: één op de zes inwoners zet zich vrijwillig in voor zijn of haar buren, vereniging, familie, de stad. De PvdA wil een solidair Amsterdam, waar we elkaar bijstaan en iets over hebben voor een ander. Waar we samen sterk staan als we ‘t alleen niet redden tegenover de macht en de dikke portemonnee.

Het samen leven staat onder druk van bewegingen die zich afkeren van onze stad en haar bewoners. We zetten niet hele groepen weg als crimineel of achterlijk. Je eigen gedrag telt - niet dat van ‘je groep’. We geloven in gesprek en ontmoeting, maar eisen tegelijk respect voor de waarden die onze samenleving zo aantrekkelijk maken voor zoveel mensen. Daar hoort bij dat we accepteren dat de samenleving constant verandert en dat we tradities ook aan kunnen passen.

Artikel 1 als basis van samen leven

Amsterdam is een inclusieve stad, waar iedereen mag zijn wie hij of zij is. Artikel 1 van de Grondwet is de basis van ons samenleven. Iedere Amsterdammer is gelijkwaardig, ongeacht waar je geboren bent, wat je sekse of seksuele geaardheid is en wat de kleur is van je huid, of waarin je in gelooft.

  • We passen goed op onze stad, en op elkaar.
  • In onze verbonden samenleving is ruimte voor dialoog en ontmoeting. Nieuwsgierigheid tonen, zaken benoemen, samen discussiëren en respect hebben voor elkaars mening hebben zit Amsterdammers in het bloed.
  • Groepen mensen scheiden en uitsluiten is ons een doorn in het oog: in het onderwijs, bij de politie, in het uitgaansleven, op de arbeidsmarkt en in buurten. We gaan segregatie tegen door te zorgen voor meer ontmoeting in de stad. Kinderen groeien samen op in de school. Bij kunst, cultuur, sport en debat komen we elkaar tegen.
  • Iedereen mag geloven wat hij of zij wil. In Amsterdam respecteren we elkaars religie of het ontbreken daarvan. Wij willen de veiligheid van gebedshuizen en debatcentra garanderen.
  • Onze gezamenlijke geschiedenis herdenken we. Pijnlijke elementen uit onze geschiedenis zoals ons koloniale verleden benoemen we en gaan we niet uit de weg. De politiek heeft zich zo min mogelijk te bemoeien met musea - maar we zijn grote voorstander van een museum over het slavernijverleden.
  • Tradities zijn mooi en tegelijk bespreekbaar in onze stad. We juichen het toe dat het Sinterklaasfeest zich aanpast aan de huidige tijd. Zo blijft het een feest dat leuk is voor alle kinderen.

Gelijkheid vrouw en man

Het is bizar dat mannen en vrouwen nog steeds niet gelijk betaald worden voor gelijk werk. Wij nemen maatregelen om het salaris voor vrouw en man gelijk te stellen. Gelijk loon voor mannen en vrouwen is een strikte eis voor gemeentelijke subsidies en in aanbestedingstrajecten.

  • Alle kinderen leren dat vrouwen en mannen gelijkwaardig zijn.
  • De gemeente Amsterdam biedt werk aan evenveel mannen als vrouwen. Ze verdienen in Amsterdam gelijke salarissen voor gelijke banen.
  • Seksuele intimidatie en machtsmisbruik willen we uitbannen - op straat, op school, op het werk en op internet. Straatintimidatie wordt strafbaar.
  • De gemeente Amsterdam voert een partnerschapsverlof in van twee maanden voor de partners van net bevallen vrouwen.

Nieuwkomers helpen integreren en Nederlands leren

Iedere derde Amsterdammer is geboren in één van de 180 landen die hier vertegenwoordigd zijn. Amsterdam heeft altijd nieuwkomers verwelkomd en zal dat blijven doen. Dat geldt zeker voor vluchtelingen uit oorlogsgebieden. Nieuwe Amsterdammers moeten zich geaccepteerd voelen in de stad en dienen op hun beurt onze samenleving te accepteren.

  • Vluchtelingen zijn welkom. Statushouders krijgen snel een woning midden in onze buurten en begeleiding om een bestaan op te bouwen. (Vrijwilligers) werk wordt gestimuleerd. Amsterdam helpt nieuwkomers Nederlands te leren en kennis te maken met de samenleving.
  • Nederlands is de taal die ons bindt, dus we vinden het belangrijk dat alle Amsterdammers Nederlands spreken, ook degenen die al langer in Amsterdam wonen. Die willen we alle mogelijkheden bieden de taal alsnog te leren. Amsterdam helpt nieuwkomers Nederlands te leren Daarnaast zetten we in op een hoge kwaliteit van het taalonderwijs voor nieuwkomers, omdat op dit moment 34% van hen niet op tijd slaagt.
  • Nieuwkomers die hier komen wonen, accepteren de Nederlandse samenleving en onze waarden. Vrijheid en gelijkheid zijn de basis van onze samenleving.
  • Ongedocumenteerden kunnen in Amsterdam rekenen op een goede bed-, bad- en brood-voorziening, geestelijke begeleiding en medische zorg. We dringen bij de Rijksoverheid aan op een structurele oplossing en werken niet mee als we door de humanitaire ondergrens zakken in Nederland.
  • Expats krijgen een warm welkom. Ze krijgen goede voorlichting en hun kinderen zijn thuis op onze scholen.
  • Amsterdam bestaat bijna 750 jaar en is altijd een stad voor migranten geweest. De migratiegeschiedenis verdient meer aandacht in het onderwijs. We willen in een museum aandacht voor 750 jaar Amsterdam, aandacht voor de diversiteit van de mensen die onze stad gemaakt hebben.

Discriminatie en racisme pakken we aan

De PvdA zal altijd vechten tegen racisme, discriminatie en andere vormen van uitsluiting. Overtuigd en openlijk racisme komt niet veel voor in Amsterdam.’ Veel groter is het probleem van onderhuidse, sluimerende vooroordelen. Ze leiden tot allerlei vormen van onbewuste discriminatie - niet zo bedoeld, maar pijnlijk voor degene die het treft en een ondermijning van het vertrouwen in de samenleving.

  • De pakkans van daders van discriminatie en racisme moet omhoog. Daarom gaan de politie, het openbaar ministerie en het Meldpunt Discriminatie (MDRA) meer samenwerken. Aangifte doen moet makkelijker worden.
  • We doen niet aan selectieve verontwaardiging. Alle vormen van discriminatie hebben onze aandacht. De laatste jaren zien we een toename van discriminatie op grond van huidskleur, afkomst, seksuele voorkeur en discriminatie van moslims. Bestrijding hiervan krijgt prioriteit.
  • Alle publieke diensten moeten diverser worden. Het politiekorps wordt een betere afspiegeling van de samenleving. Publieke discussies over diversiteit onder gezagsdragers, zoals het dragen van religieuze uitingen, zijn welkom en gaan we niet uit de weg.
  • Om discriminatie en uitsluiting aan de deur in het uitgaansleven te bestrijden zetten we mystery guests in. Horecazaken die uitsluiting actief tegengaan krijgen onze steun en werken we actief mee samen. Naar Haags voorbeeld voeren met een keurmerk tegen discriminatie in.
  • Etnisch profileren bij de politie en handhaving is een reëel probleem. We gaan de politie helpen dit op te lossen, onder andere door trainingen.
  • Arbeidsmarktdiscriminatie op leeftijd, geslacht, afkomst, handicap en seksuele geaardheid bestrijden we samen met het bedrijfsleven. De gemeente Amsterdam geeft het goede voorbeeld.
  • Amsterdam bevordert ontmoeting tussen scholen. Leerlingen doen mee aan uitwisselingsprojecten, er komen columnwedstrijden tussen scholen en leerlingen organiseren met leeftijdsgenoten uit andere buurten gezamenlijke activiteiten.

Amsterdam, roze stad

In Amsterdam kun je hand in hand lopen met wie je wilt. Wie elkaar wil zoenen moet dat openlijk kunnen doen in onze liefdevolle stad. Niet voor niets werd in Amsterdam het eerste homohuwelijk ter wereld gesloten. Maar de afgelopen jaren zit de klad in de acceptatie van LHBTI’ers. ‘Homo’ is op school het meest gebruikte scheldwoord. Discriminatie en treiteren nemen toe. We moeten weer terug op de oude vertrouwde, verdraagzame koers.

  • Amsterdam is Gay Capital en moet dat blijven. We vieren de Canal Parade, de regenboogvlag wappert boven de Stopera. In de gemeentelijke communicatie stralen we diversiteit uit in beeld en woord.
  • De gemeente gaat niet meer naar ‘man/vrouw’ vragen als dat niet relevant is.
  • LHBTI-jongeren ondersteunen we met activiteiten en begeleiding. Ze moeten zich veilig voelen op school, sportclub en in het uitgaansleven. Scholen gaan we helpen met het aanbieden van lessen over LHTBI en met het meedoen aan Paarse Vrijdag. We ondersteunen het netwerk van roze leraren. We besteden meer aandacht aan kwetsbare LHBTI-groepen, zoals ouderen, biculturele Amsterdammers en asielzoekers. Alle zorginstellingen worden aangemoedigd een Roze Lopercertificaat te voeren voor LHBTI-vriendelijke zorg. Er komt tenminste één roze verpleegtehuis bij in Amsterdam. Tegengaan van eenzaamheid onder LHBTI’ers is een prioriteit in de aanpak tegen eenzaamheid, evenals het voorkomen van suïcide onder (jonge) LHBTI’ers.
  • De veiligheid van LHBTI’ers op straat en in de buurt wordt vergroot. Pesten en treiteren wordenhard aangepakt. We investeren in de expertise bij de politie om de aangiftebereidheid te vergroten. LHBTI-gerelateerde aangiftes leggen we systematisch vast.

Zeggenschap over je eigen buurt

In de afgelopen vier jaar zijn mooie en inhoudelijke gebiedsagenda’s ontstaan. Er is er volop geëxperimenteerd met bewonersinitiatieven en participatie. Wij nemen Amsterdammers serieus en gaan de plannen de komende jaren uitvoeren.

  • Elke buurt in Amsterdam krijgt een eigen maatschappelijke agenda, die de buurtbewoners zelf bepalen.
  • Zelforganisaties krijgen meer ruimte in buurten. Buurtkamers worden ondersteund. Leegstaand maatschappelijk en gemeentelijk vastgoed komt beschikbaar voor buurtinitiatieven. Woningcorporaties vragen we hetzelfde te doen.
  • Projecten gericht op onderlinge ontmoeting zoals Salaam-Shalom, Mo en Moos en het Veiligheidspact tegen discriminatie zijn belangrijke partners van de stad. We gaan ze meer betrekken bij het diversiteitsbeleid. Er komt meer geld voor projecten gericht op het leren kennen van je buren, zoals Stichting Warm Welkom, het Bankjescollectief, de stadsdorpen en Burennetwerk.
  • Er komt een jongerenraad die de Amsterdamse gemeenteraad adviseert. Daarbij streven wij ernaar om een inclusief inspraakorgaan van jongeren op te richten, waarin de diversiteit van de stad zoveel mogelijk gewaarborgd wordt
  • Bewonersinitiatieven in alle buurten krijgen ondersteuning. Jongeren worden meer betrokken bij hun buurt en krijgen stemrecht bij het verdelen van wijkbudgetten.

3. Goed werk; eerlijk loon voor iedereen

Goed werk en eerlijk loon voor iedereen - de PvdA is er zo’n beetje voor opgericht. In onze visie is werk meer dan een bron van inkomen. Goed werk betekent behalve bestaanszekerheid sociale contacten, ontplooiing van je talent en voldoening. Het gevoel dat je meedoet in de samenleving. Wie geen baan heeft, of maandelijks maar moet afwachten hoeveel werk en loon hij of zij ontvangt, leeft voortdurend in onzekerheid. Bestaansonzekerheid, die nog altijd te veel Amsterdammers ervaren.

In Amsterdam is gelukkig veel werk. Maar nog altijd zoeken te veel Amsterdammers dag in, dag uit naar een baan. De PvdA wil niet rusten voordat zij stuk voor stuk werk hebben gevonden dat bij hun vaardigheden en interesse aansluit.

We zien ook tekorten ontstaan op de arbeidsmarkt. Vaak op cruciale plaatsen. Scholen in achterstandsbuurten hebben moeite hun vacatures voor docenten te vervullen, ziekenhuizen opereren minder vanwege een gebrek aan OK-assistenten. Wij gaan helpen Amsterdammers klaar te stomen voor dit soort fantastische banen.

Veel werk is trouwens nog geen goed werk. Bijna een kwart van alle Amsterdamse werkenden heeft geen vaste baan. Een deel van hen is uit vrije keuze en volle overtuiging ZZP-er. Maar steeds meer mensen zitten tegen wil en dank op een tijdelijk contract, in een constructie van schijnzelfstandigheid of bij een payrollbedrijf. Ook zijn er mensen die baantjes moeten stapelen omdat ze simpelweg te weinig verdienen om een gezin draaiende te houden. Dat willen wij veranderen.

Anno 2017 groeien nog altijd kinderen op in armoede - zonder fiets, goed ontbijt of verjaardagscadeautje. Dat is te zot voor woorden. De PvdA wil de armoede de stad uit. Daarom komen we op voor mensen met schulden.

Samen met de ondernemers van Amsterdam willen wij zorgen voor goed en duurzaam werk voor iedereen. Bedrijven, groot en klein, zijn meer dan welkom - als ze maar goed werk bieden, niet discrimineren, geen belasting ontwijken en niet vervuilen. In de markt en in de publieke sector willen wij de komende jaren 10.000 extra banen scheppen voor mensen op zoek naar goed werk. Dat is geen slag in de lucht - we trekken er veel geld voor uit.

Iedereen werk

In Amsterdam zitten 40.000 mensen in de bijstand. De meeste van hen kunnen en willen werken en bijdragen aan de samenleving. Dat gaan wij mogelijk maken. Wij gaan voor 10.000 extra banen in de komende periode. Met dat werk verrijken we Amsterdam op zoveel mogelijk vlakken.

  • Er komt een Amsterdams banenpact voor mensen met een uitkering: we gaan zowel voor meer banen bij bedrijven en ondernemers als voor meer belangrijk publiek werk. Bijvoorbeeld in de thuiszorg, bij het schoonhouden van de stad, om regels op straat te handhaven, conciërges op school en toezicht. Dit levert 10.000 banen op.
  • Als onderdeel van het Amsterdamse banenpact creëren we 2.000 nieuwe gesubsidieerde basisbanen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Een deel van die banen is bij werkgevers in de markt. Maar er is ook behoefte aan belangrijke publieke functies, zoals gastheren en gastvrouwen op uitgaanspleinen en in drukke gebieden, handen ter ondersteuning van leraren in de klas, ondersteuning van sport en cultuurverenigingen. Omscholing, bijscholing en het opdoen van werkervaring tijdens stages maakt deel uit van veel basisbanen. Dit alles in nauwe samenspraak met werkgevers, want die zijn cruciaal voor het matchen van het talent dat nu langs de kant staat met het belangrijke werk dat verricht moet worden.
  • Speciale aandacht gaat uit naar oudere mensen zonder werk. Veel mensen boven de 55 zitten nog vol energie en ambitie. Hen gaan we ondersteunen met omscholing en sollicitatieadvies. We brengen ze in contact met werkgevers. En als werken echt niet lukt, gaan we voor vrijwilligerswerk met behoud van uitkering. ​ ​ De gemeente stimuleert en financiert eigen werkcoöperaties van langdurig en werklozen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
  • Jongeren verdienen een goede start op de arbeidsmarkt. Daarvoor gaan we veel meer mogelijkheden creëren. Prioriteit is dat ze allemaal een diploma halen. We helpen jongeren een opleiding te vinden die bij hun talent en motivatie past en uitzicht biedt op werk. Liefst in de klas en anders door een combinatie van leren en werken. We laten (praktijk) scholen en bedrijven nauwer samenwerken, zoals in andere gemeenten al volop gebeurt. Daarnaast zijn stages een uitstekende manier om de stap naar de arbeidsmarkt te zetten. Onze teams gaan in de wijk, dichtbij de jongeren, helpen die goede start op de arbeidsmarkt te maken.
  • Mensen zitten niet vrijwillig thuis, maar willen het ritme van werk en sociale contacten in hun leven. De gemeente is er allereerst om die mensen aan het werk te helpen. Als werken echt niet kan, moet iedereen op een andere manier mee kunnen doen aan de samenleving. De laatste jaren is de nadruk te veel gaan liggen op het overdreven controleren van uitkeringsgerechtigden en het opjagen van werklozen met zogenaamde tegenprestaties. Wij vinden dat de focus weer moet liggen op hulp en begeleiding. We ondersteunen het opstarten van een zelfstandige onderneming vanuit een uitkering.
  • Klantmanagers van de gemeente willen wij de ruimte geven om met hun kennis van de arbeidsmarkt werkgevers en werkzoekenden die bij elkaar passen te koppelen. Wij willen daarom een regelarme bijstand met ruimte voor maatwerk. We willen experimenteren metleerwerktrajecten en bijverdienen met behoud van uitkering. Door werk extra te belonen bestrijden we de armoedeval die mensen boven het hoofd hangt als ze aan de slag gaan. Wij gaan experimenten met andere opvattingen over werk niet uit de weg en zullen praktijkgerichte experimenten basisinkomen bevorderen.
  • In Amsterdam is er beschut werk voor iedereen die daarop is aangewezen vanwege een beperking. En, in tegenstelling tot wat de nieuwe regering wil, betalen wij voor die banen zoals dat wettelijk hoort gewoon minstens het minimumloon. De gemeente krijgt de directe zeggenschap over het sociale werkbedrijf Pantar. Pantar willen we versterken en helpen meer samen te gaan werken met innovatieve ondernemers die stabiel, doorlopend en beter betaald werk bieden. Bij Pantar gaat de deur dicht voor ondernemers die met flexwerk voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten.
  • Wij zetten de samenwerking met de werkgevers voort om de afgesproken circa 1000 garantiebanen voor arbeidsbeperkten per jaar erbij te realiseren.
  • We willen dat leraren, politiemensen en verpleegkundigen die hier werken hier ook kunnen wonen. Dat gaan we regelen met bijvoorbeeld campuscontracten, waarmee afgestudeerden een aantal jaren langer in hun woning kunnen blijven. Ook krijgen deze werknemers voorrang bij starterswoningen en sociale huurwoningen.

Zeker werk met een eerlijk loon

De groeiende ongelijkheid in Amsterdam voelt en is onrechtvaardig. Dag in dag uit steken mensen hun talent en energie in hun werk - waarom worden ze dan zo ongelijk beloond? De zekerheid van werk en inkomen is oneerlijk verdeeld over Amsterdammers. De PvdA zou de PvdA niet zijn als we niet voor meer gelijkheid in beloning zouden strijden. Wij zetten ons in voor wie niet uit eigen keuze flexwerker of zzp’er is geworden en doorgeslagen flexiblisering op de arbeidsmarkt proberen we waar mogelijk te bestrijden. Wij komen op voor mensen die te weinig verdienen om rond te komen. We willen geen werkende armen. We willen geen kloof tussen modaal en rijk.

  • Naar Engels voorbeeld willen we in Nederland het begrip ‘living wage’ of ‘loon waarvan je kunt leven’ introduceren. ‘Living wage’ betekent simpelweg dat werknemers van hun loon moeten kunnen rondkomen. Dat bepaalt het salaris en niet het wettelijk minimumloon. Net als duurzaamheid wordt loon waarvan je kunt leven betalen voor bedrijven stap voor stap onvermijdelijk. Dit pakken we op met bonden en werkgevers in Amsterdam.
  • Wij zoeken als gemeente de samenwerking met werkgevers die hun medewerkers contracten geven waarvan je kunt rondkomen en die minstens 120% van het minimumloon betalen. Die norm willen wij ook stellen voor het verlenen van nieuwe (horeca-) vergunningen aan bedrijven.
  • De gemeente betaalt medewerkers minimaal 120% van het minimumloon.
  • Jongeren boven de 18 krijgen ten minste het wettelijk minimumloon betaald en niet het lagere jeugdloon. Dat doet de gemeente al en dat verlangen we voortaan ook van bedrijven.
  • De PvdA wil dat de gemeente Amsterdam zelf zoveel mogelijk vaste banen biedt en het aantal tijdelijke banen terugdringt. Tijdelijk werk is vooral voor het opvangen van ‘piek en ziek’ en voor specialistische werkzaamheden. Schoonmaak en reiniging zijn gemeentelijke banen. Het percentage flexibele medewerkers van de gemeente mag nooit groter zijn dan 10%.
  • Amsterdam past de wet normering topinkomens strikt toe, met name ook voor bestuurders bij haar deelnemingen. Voor door Amsterdam gesubsidieerde instellingen geldt de wethoudersnorm als maximum voor bestuurders.
  • Samen met Inspectie SZW ontwikkelen we een Amsterdamse aanpak om misstanden met flexibele arbeidscontracten structureel aan te pakken.
  • Payroll-constructies gaan we tegen, bijvoorbeeld bij bedrijven waarbij de gemeente inkoopt.
  • Wij vinden dat werk in balans moet zijn met je privéleven. Werktijden moeten flexibel kunnen zijn als dat nodig is voor mantelzorg of voor de kinderen.

Met de werkgevers naar duurzame inzetbaarheid van Amsterdammers

We zijn trots op de ondernemersgeest van de Amsterdammers. Ongelooflijk veel werkgevers leveren een belangrijke bijdrage aan de economie en het sociale weefsel van de stad. Wij willen hen steunen, maar verwachten ook dat zij hun rol voor de mensen in de stad pakken. Door economische en technologische ontwikkelingen neemt de snelheid waarmee bedrijven moeten veranderen in hoog tempo toe. We willen met de werkgevers werken aan de duurzame inzetbaarheid van alle Amsterdammers.

  • We willen ervoor zorgen dat het onderwijs beter aansluit op het bedrijfsleven. Met werkgevers en onderwijsinstellingen gaan we jongeren verleiden vakopleidingen zorg, techniek en bouw te volgen: sectoren waarin veel werk te vinden is.
  • We laten onderzoek uitvoeren naar de impact van technologie op de Amsterdamse arbeidsmarkt, zodat we inzicht hebben in welke vaardigheden er in de nabije toekomst in Amsterdam nodig zijn. Vervolgens subsidiëren wij de sociale innovatietrajecten die inspelen op de veranderende arbeidsmarkt.
  • De gemeente besteedt jaarlijks € 1,5 miljard aan inkoop bij bedrijven. Er wordt nog te weinig gebruik gemaakt van de inkoopkracht van de gemeente Amsterdam om sociale doelstellingen te bereiken. We gaan meer inkopen bij sociale ondernemingen die mensen met afstand tot werk aan de slag helpen. Ook stimuleert de gemeente toeleveranciers die zaken te doen met deze firma’s.
  • Midden- en kleinbedrijven krijgen ondersteuning als zij duurzaam en sociaal willen ondernemen of een keurmerk willen binnenhalen. Dat betekent voorlichten, maar ook een streepje voor bij aan te besteden gemeentelijk werk. Wij gaan het gemeentelijke beleid voor social return 2.0 krachtig vernieuwen.

Harde aanpak arbeidsdiscriminatie

Discriminatie op de arbeidsmarkt komt nog veel te vaak voor in Amsterdam. Dat vinden we niet acceptabel en blijven we hard bestrijden. In Amsterdam verdient iedereen een gelijke kans op de arbeidsmarkt. Inclusieve organisaties worden de norm. Bedrijven die hulp nodig hebben bij het ontwikkelen van een aanpak krijgen steun van de gemeente.

  • Gemeente en werkgevers maken afspraken over het uitbannen van discriminatie. Werkgevers met goed resultaat verdienen een publiekelijk compliment. Werkgevers die hardnekkig signalen negeren kunnen rekenen op publiek gedeelde bezorgdheid.
  • We voeren naar Haags voorbeeld een keurmerk tegen discriminatie in. Daarmee kunnen bedrijven en horeca hun goede gedrag bekend maken aan het publiek.
  • De gemeente gaat controle uitoefenen op arbeidsdiscriminatie. Het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam (MDRA) krijgt meer geld om arbeidsdiscriminatie vast te leggen en aan te pakken. We werken samen met de Inspectie SZW om discriminatie uit te bannen.
  • Organisaties die veroordeeld zijn voor discriminatie worden uitgesloten van opdrachten van de gemeente Amsterdam.
  • De medewerkers van de gemeente zijn een afspiegeling van de Amsterdamse samenleving.

Stop de oplopende schulden

Bijna 30% van alle Amsterdammers kampt met schulden en die groep blijft maar groeien. Schulden kunnen levens compleet verwoesten, met dakloosheid en langdurige armoede tot gevolg. Mensen blijven vaak te lang met betalingsachterstanden zitten. Het is daarom van groot belang oplopende schulden in een vroeg stadium te signaleren.

  • De schuldhulpverlening wordt verder uitgebreid, met name de Vroeg eropaf-aanpak. Signalen van opbouwende schulden worden in een vroeg stadium opgepikt dankzij samenwerking met de woningcorporaties, energieleveranciers en zorgverzekeraars. Bij ingrijpende levensgebeurtenissen, zoals echtscheiding of verlies van een naaste, is er groter risico op het ontstaan van schulden. De mensen die hiermee te maken krijgen worden preventief geïnformeerd.
  • Er komen wijksteunpunten in de wijken met de hoogste percentages huishoudens met schulden. Het Leefkringhuis in Amsterdam Noord blijft bestaan.
  • Bij begeleiding van mensen met schulden zetten we meer ervaringsdeskundigen in. Jongeren die weten hoe het toegaat worden ingezet bij voorlichting op scholen over het omgaan met geld en de gevaren van schulden Ook de maatschappelijke dienstverleners gaan meer gebruik van ze maken bij hun werk.
  • Woninguitzetting gebeurt alleen in uiterste gevallen. Alles wordt in het werk gesteld om dit te voorkomen. Het uitzetten van gezinnen met kinderen wordt stopgezet. In plaats daarvan worden andere effectieve maatregelen getroffen om het gezin weer uit de schulden te krijgen.
  • Als jongeren 16 jaar worden krijgen zij een voorlichtingspakket over omgaan met geld. Het aanbod van cursussen als Grip op je geld wordt uitgebreid. Er komen meer laagdrempelige spreekuren voor hulp bij het invullen van formulieren en het beantwoorden van vragen. Amsterdammers worden actief gewezen op de beschikbare toeslagen en armoederegelingen. De schuldhulpverlening binnen de voorzieningen voor dak- en thuislozen wordt uitgebreid.
  • De gemeente Amsterdam stelt een experimenteel ‘goede gierenfonds’ in om schulden op te kopen. Amsterdam gaat leren van andere steden die dit doen, zoals de gemeente Den Haag.
  • De bezuiniging op de Stadsbank van Lening wordt volledig teruggedraaid.
  • Amsterdam gaat de strijd aan met verkeerde incasso-praktijken. Het probleem van oplopende incassokosten wordt bij de wortel aangepakt, door met schuldeisers (in elk geval de grootste bedrijven in de stad) afspraken te maken over alternatieve manieren om schulden te innen.
  • Te vaak wordt schuld in één adem genoemd met schuldig. Mensen met schulden worden daarom vaak negatief en vijandig bejegend. Een positieve benadering gericht op samenwerken, zoals zorgverzekeraar CZ al vijf jaar doet, leidt tot betere resultaten en wordt de norm in Amsterdam.

Niemand in armoede

Amsterdam bevindt zich in een periode van ongekende welvaart. Des te schrijnender is het dat er nog altijd kinderen zijn die in armoede opgroeien. Wij vinden dat elk kind moet kunnen meedoen - sporten, mee op schoolreisje, een keer naar het museum, een cadeautje op de verjaardag en een nieuwe winterjas. Ook in een arm gezin heb je daar recht op. Daarnaast leven steeds meer ouderen in armoede. Ze kunnen niet rondkomen van hun AOW. Ook veel oudere migranten hebben een AOW-gat en geen pensioen. Ondertussen weet slechts 60% van alle mensen die daar recht op hebben de weg naar het gemeentelijke armoedegeld te vinden. Jaar in jaar uit blijven miljoenen op de plank liggen. Daar gaan we een eind aan maken.

  • De grens voor armoedevoorzieningen blijft op tenminste 120% van het wettelijk sociaal minimum. Simpelweg omdat er nog zoveel mensen niet met het armoedegeld bereikt zijn. Wij zetten het goede armoedebeleid van de afgelopen jaren dus met kracht voort. De huidige budgetten blijven op peil. Mensen met een laag middeninkomen (net boven de 120%) worden gericht gecompenseerd op een aantal kostenposten (zoals het eigen risico in de Wmo). Binnen de wettelijke mogelijkheden betalen we armoedevoorzieningen 6 maanden door nadat mensen een inkomen boven de 120% van het minimumloon zijn gaan verdienen. Dat geeft een extra beloning voor werk en voorkomt veel gedoe voor mensen die maar tijdelijk iets meer verdienen.
  • Er komen 2000 gesubsidieerde banen voor mensen in de bijstand. Voor deze banen trekken we jaarlijks 16 miljoen euro uit, bovenop het geld uit de bijstand dat we ervoor inzetten.
  • Geld om kinderen uit armoede te halen komt zoveel mogelijk in natura bij het kind terecht. Hetjeugdsportfonds, het jeugdcultuurfonds en het schoolreisjesfonds zijn daarom enorm belangrijk. Alle kinderen die opgroeien in armoede krijgen gratis zwemles tot en met hun diploma’s. De stadspas blijft voor alle mensen met een minimuminkomen. 23
  • Het gratis openbaar vervoer voor minima-ouderen is ingevoerd op initiatief van de PvdA. Na de goede evaluaties gaan we ermee door. We onderzoeken of ook andere minima-groepen die afhankelijk zijn van het openbaar vervoer hiervoor in aanmerking komen. Denk bijvoorbeeld aan mantelzorgers.
  • De opeenstapeling van het eigen risico en de eigen bijdrages raakt vooral mensen met een kleine portemonnee en vergroot de kans op armoede. Er komt een verkenning naar een Amsterdamse zorgverzekering waarin het eigen risico en alle eigen bijdrages zijn afgekocht (naar Rotterdams voorbeeld).
  • Voedselbanken zijn helaas nog altijd noodzakelijk. Waar mogelijk ondersteunt de gemeente de voedselbanken. Eenzaamheid komt helaas vaker voor bij mensen in armoede. Er komen meer buurtrestaurants waar mensen een betaalbare maaltijd kunnen nuttigen.

4. Een economie die werkt voor iedereen

Amsterdam is booming. Alle economische seinen staan op groen en er worden jaar in jaar uit prachtige groeicijfers gerealiseerd. Veel partijen hangen de vlag uit, maar de PvdA houdt liever een scherp oog op de realiteit achter die fraaie grafieken en tabellen.

Ook wij geloven dat uiteindelijk door groei nieuwe werkgelegenheid en dus vooruitgang ontstaat. Maar een groeiende stad betekent niet automatisch een betere stad. Nieuwe banen zijn te vaak onderbetaald, onzeker en onbeschermd. Het dienen van maatschappelijke belangen (een beter milieu, werk voor mensen met een beperking of een betere wereld) gaat helaas nog altijd niet vanzelfsprekend hand in hand met ondernemerschap.

Grote bedrijven zijn meer dan welkom in Amsterdam. Maar als ze geen goed werk bieden, of onze stad door belastingontwijking, vervuiling of ruimtebeslag op een andere manier minder lief maken, wordt ons enthousiasme voor een gunstig vestigingsklimaat alras minder.

De laatste jaren leek het wel alsof de hele wereld een graantje wilde meepikken van de populariteit van onze stad. Het toerisme en de opkomende deeleconomie hebben een wirwar van economische activiteit gecreëerd. Soms een goede aanvulling, maar vaak ook een aanslag op de leefbaarheid van de stad. Daarmee loopt Amsterdam het gevaar ten onder te gaan aan zijn eigen succes.

Al met al is er geen reden voor tobberigheid, maar wel voor een actieve overheid die strak aan de bal is. Samen kunnen we ervoor zorgen dat Amsterdam de aantrekkelijke stad blijft die we kennen.

Een economie van mensen, niet van cijfers

Economisch gaat het Amsterdam voor de wind. Maar het gaat ons niet om de cijfers. Groei moet vooruitgang opleveren voor alle Amsterdammers: goed werk, meer welvaart, een gezondere leefomgeving en ja, ook een betere wereld. Bedrijven die daaraan bijdragen verwelkomen we met open armen. Grote banenmotoren als de Amsterdamse haven en Schiphol moeten zich zo ontwikkelen dat ze goed zijn voor de stad, het milieu niet onnodig belasten en extra banen opleveren.

  • We voeren actief beleid om de beste én meest verantwoordelijke bedrijven naar Amsterdam te halen.
  • Brievenbusfirma’s op de Zuidas leveren te weinig banen op en schaden de reputatie van Amsterdam. We willen daarom af van deze spookbedrijven.
  • Amsterdam blijft intensief samenwerken met het bedrijfsleven en de kennisinstellingen. Vanuit de Amsterdam Economic Board versterken we de economie van de gehele regio. We willen nieuwe bedrijvigheid en samen investeren in voldoende goed opgeleide arbeidskrachten.
  • We stimuleren bedrijven meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan te nemen. Amsterdam investeert in het uitbreiden van het aantal sociale ondernemingen.
  • We willen dat de Amsterdamse economie substantieel bijdraagt aan het behalen van de Parijse klimaatdoelstellingen. Dat lukt alleen met een circulaire economie. We ondersteunen duurzame bedrijven om klimaatneutrale kantoren en bedrijfspanden te realiseren. We geven voorrang aan de meest duurzame bedrijven bij het aankopen van grond.
  • Amsterdam gaat uitsluitend in zee met bedrijven die cao’s respecteren. Wie sociale verplichtingen omzeilt door werknemers in nadelige constructies van schijnzelfstandigheid te dwingen, kan geen partner zijn van de gemeente. In alle aanbestedingen, subsidieverstrekking en inkoopprogramma’s zullen criteria worden ingevoerd en nageleefd.
  • We zijn trots op de Amsterdamse haven. Ruim 67.000 mensen werken er, waaronder veel lager opgeleiden. Maar liefst 1350 bedrijven voegen samen € 4 miljard waarde toe aan de economie van Amsterdam. We willen zorgvuldig omgaan met de twee belangrijkste uitdagingen van de haven: de transitie naar schonere productiemethodes en het creëren van ruimte voor woningbouw. Amsterdam trekt daarom samen met provincie en het rijk op om de meest innovatieve haven te ontwikkelen op het vlak van hernieuwbare energie.

Stop de verdere groei van Schiphol

Vijfhonderdduizend vluchten per jaar is meer dan genoeg. De overlast voor omwonenden heeft de kritische grens bereikt. Amsterdam beschikt over aandelen in Schiphol. We zitten daar niet voor spek en bonen, om alleen maar ja te knikken bij de voorstellen van de directie van de luchthaven. Amsterdam houdt vast aan haar deelnemingen en voert actief invloed uit op de bedrijfsvoering. Schiphol biedt veel werkgelegenheid, maar we zijn kritisch op de plannen voor verdere groei en zouden het liefst zien dat budgetvluchten uitwijken naar andere vliegvelden.

  • Low-budgetvluchten moeten voortaan uitwijken naar regionale vluchthavens. Schiphol kan zo een hub blijven voor internationale lijnvluchten.
  • Voor nabije Europese bestemmingen worden schonere alternatieven voor het vliegtuig gestimuleerd.

Toerisme moet wel leuk blijven

Als leukste stad ter wereld ontvangt Amsterdam 17 miljoen bezoekers per jaar. Binnen enkele jaren loopt dit naar verwachting op tot 25 miljoen gasten. We gunnen iedereen het genoegen van de schoonheid en de vrijheid van onze stad. Maar de vraag is of de stad die toeloop wel aankan. Toenemende drukte schaadt op termijn de aantrekkelijkheid van onze stad, voor bewoners én toeristen. Dat moeten we voor zijn. We streven naar een goede balans tussen wonen, werken en recreëren in alle delen van Amsterdam. We willen een einde aan de houding van laat-maar-waaien. Een stad in balans vereist duidelijke keuzes, een veelheid van maatregelen en continue sturing. Besturen is bijsturen waar nodig, want als je het loslaat gaat het de verkeerde kant op. Zo houden we Amsterdam een fijne stad voor iedereen.

  • Samen met wetenschappers en deskundigen stellen we vast hoeveel toeristen Amsterdam aankan. We stellen alles in het werk om te voorkomen dat we over dit punt heen gaan.
  • We verhogen de toeristenbelasting naar 8%. Bovenop de toeristenbelasting willen we een vaste prijs per overnachting invoeren. Ook passagiers van zee- en riviercruiseschepen betalen toeristenbelasting. Met de opbrengsten van de verhoging van de toeristenbelasting verbeteren we de kwaliteit van wonen en leven in alle buurten van Amsterdam.
  • We stoppen met city marketing. Amsterdam heeft geen extra promotie nodig.
  • De belasting voor commerciële pleziervaart op het water (vermakelijkheidsretributie) en de precariobelasting voor bijvoorbeeld terrassen gaat omhoog. De reclamebelasting op commerciële uitingen in de openbare ruimte wordt heringevoerd.
  • Een hotelstop moet ook echt een hotelstop zijn. Alleen daar waar een hotel duidelijk een meerwaarde biedt voor de buurt volgens de buurtbewoners staan we nieuwe hotels toe.
  • Het positieve effect van toerisme op werkgelegenheid wordt vaak overdreven. Cijfers van OIS tonen aan dat de werkgelegenheid geen gelijke tred houdt met de groei van het aantal bezoekers. Personeel heeft het de afgelopen jaren vooral veel drukker gekregen. Bovendien werken mensen in hotels en horeca vaak op oproepbasis en nulurencontracten en onder slechte werkomstandigheden. Werken in de toerismebranche moet lonen en daarom zien we bij het verstrekken van vergunningen streng toe op goed werkgeverschap. Touringcars worden uit het centrum geweerd.
  • Tourgidsen hebben straks een vergunning nodig om hun werk te kunnen doen. Groepsgrootte van wandel- en fietsexcursies wordt gelimiteerd.
  • Toeristische vervoermiddelen zoals bierfietsen, Segways, helikoptervluchten, fietstaxi’s en sightseeing bussen worden zoveel mogelijk teruggedrongen.
  • Amsterdam is de festivalhoofdstad van Europa met veel mooie, unieke en eigenzinnige evenementen. We willen deze evenementen leuk houden voor zowel bezoekers als omwonenden. We willen daarom een beperking van het huidige aantal van ca. 2000 festivals en evenementen per jaar en een goede spreiding van locaties. De geluidsoverlast van alle evenementen moet worden verminderd- om de spraakverstaanbaarheid binnenshuis met gesloten ramen te garanderen,- om de gehoorschade van bezoekers te beperken conform advies van de GGD’en- en om de bewoners hun nachtrust te gunnen door een sluitingstijd van 2300 uur (waar alleen het college bij uitzondering van kan afwijken).
  • We willen het succesvolle 24-uursbeleid van burgemeester Van der Laan voortzetten. Met een bonus voor ondernemers die zich goed gedragen en een duidelijke straf voor wie dat niet doet. We gaan samen met horecaondernemers werken aan meer veiligheid op uitgaanspleinen. Het geslaagde voorbeeld van het Rembrandtplein, waar gastheren de veiligheid én de sfeer verbeteren, krijgt navolging op andere uitgaanslocaties. Locatieprofielen worden samen met de bewoners opgesteld.
  • Vakantieverhuur van gehele woningen via platforms zoals Airbnb wordt niet langer toegestaan (zie hoofdstuk wonen).

Minder monocultuur in het winkelaanbod

Amsterdam heeft levendige buurten met een divers aanbod van winkels. Maar op sommige plekken lijkt de stad te verworden tot een kermis vol ticketshops, Nutella-, kaas- en wafelwinkels. Gedreven door het snelle geld, zonder liefde voor Amsterdam of het product. Bakkers, boekhandelaars, slagers en andere winkeliers worden steeds verder uit de stad verdreven door torenhoge huurprijzen. Dat kan anders. Straten als de Zeedijk laten zien dat actief reguleren helpt. Wat nodig is, is een overheid die samen met ondernemers proactief optreedt en ingrijpt op plekken waar ‘de markt’ faalt.

    Nieuwe lokale economie

    Deeleconomie, platformeconomie en ICT bieden fantastische nieuwe kansen, maar onder het mom van innovatie ontstaat ook bedrijvigheid die schadelijk is voor Amsterdam en Amsterdammers. Denk aan maaltijdbezorgers die onverzekerd en onderbetaald door de stad fietsen, huizen die gaan fungeren als hotels en taxidiensten die zich niet aan de regels houden. We omarmen innovatie maar beschermen de stad ook tegen onwenselijke effecten.

    • We stimuleren lokale economie door radicaal te kiezen voor inkoop van diensten en producten van lokale ondernemers (lokaal MKB) binnen Amsterdam. We willen dat economische vernieuwing vooral lokaal plaatsvindt, zodat er meer banen in de buurt ontstaan. We gaan serieus werk maken met het right to challenge.
    • We bestrijden agressieve strategieën van bedrijven in de deeleconomie die steeds meer grip krijgen op de stad en het wonen, leven en werken van Amsterdammers lastiger maken. We willen eerlijk loon voor eerlijk werk. Dat geldt zeker ook voor werken in de taxibranche en voor maaltijdbezorgdiensten.
    • Bedrijven die misbruik maken van de Amsterdamse markt kunnen rekenen op gezond regulerend en handhavend optreden van de overheid. De kosten hiervan mogen niet afgewend worden op de Amsterdamse belastingbetaler.
    • De openbare ruimte is van ons allemaal. We accepteren daarom niet dat er zomaar illegaal deelfietsen worden geplaatst in de stad of dat er op andere wijze geld wordt verdiend aan onze openbare ruimte.

    5. Goed onderwijs voor gelijke kansen

    Het beste onderwijs - wie wil dat niet voor de stad? Gelukkig staan we als PvdA niet alleen in onze opvatting dat alle onderwijsinstellingen goed moeten zijn, dat ieder kind zijn talent moet kunnen ontplooien, dat elke klas de beste meesters en juffen verdient en dat ieder schoolgebouw spic en span dient te zijn.

    Tot zover de open deuren die alle politieke partijen met veel bravoure zullen intrappen. Nu een paar dingen waarvan wij wakker liggen omdat ze niet de aandacht krijgen die nodig is. Het feit dat onze scholen vaak veel minder gemengd zijn dan de buurten waarin ze staan. Het feit dat het onderwijs, dat een feest van gelijke kansen moet zijn, vaak in de praktijk een ongelijkheidsmachine is. Een systeem dat kinderen al op jonge leeftijd veroordeelt tot lager aangeschreven opleidingen, niet op basis van talent maar op basis van afkomst en sociale achtergrond. Alsof de oude tijden van het standenonderwijs herleven. Het doet ons pijn dat kinderen vanaf elf, twaalf jaar gescheiden worden en elkaar op school niet meer ontmoeten. We piekeren over de leraren met hun schrale salaris. Zo stoer als ze zijn dat ze voor een complexe grootstedelijke klas gaan staan, zo onderbetaald zijn ze dat ze niet fatsoenlijk kunnen wonen in Amsterdam.

    Daarom vinden we het tijd voor een paar duidelijke standpunten over het onderwijs. Allereerst vinden we dat scholen gemengde scholen moeten zijn. Gewoon omdat onze stad de meest diverse stad is van de wereld en dat het dan bizar is als scholen dat niet zijn. We zijn ervan overtuigd dat veel Amsterdamse ouders hun kinderen graag naar een school laten gaan die een goede afspiegeling is van de stad. Juist als er meer gemengde scholen zijn, valt er dus meer te kiezen.

    Ten tweede vinden wij dat je vooral moet investeren waar het het hardste nodig is. Scholen die extra hun best moeten doen, omdat er veel kinderen met achterstand op zitten (focusscholen), verdienen meer ondersteuning van de gemeente. Zo dragen we bij aan een goede ontwikkeling van alle Amsterdammers. Ten derde vinden wij schooladviezen gebaseerd of afkomst, sociale klasse of andere zaken die niets met aanleg, werkhouding of talent te maken hebben volstrekt onacceptabel. We gaan alles doen om dat uit te bannen. Ten vierde vinden we het doodzonde dat brede scholen en brugklassen, waarin alles van vmbo tot vwo door elkaar loopt, steeds minder voorkomen in Amsterdam. Deze scholen hebben bij nieuwbouw onze voorkeur. Tot slot vinden we dat Amsterdamse leraren veel meer zouden moeten verdienen. Ze leveren een fantastische bijdrage aan het voorbereiden van onze toekomst, maar worden daarvoor veel te weinig beloond.

    Op school ontmoeten we elkaar

    Onderwijs moet kansen bieden, talent ontwikkelen en het beste uit kinderen halen. Minstens zo belangrijk is de opdracht voor ons onderwijs om te verbinden. Op school leren we met elkaar samen te leven. De schoolklas en het schoolplein zijn de plekken om elkaar te ontmoeten en van elkaar te leren. Helaas zien we steeds meer gescheiden werelden: kansrijk bij kansrijk en kansarm bij kansarm. Scholen zijn vaak een stuk meer gesegregeerd dan de buurten waarin ze staan. Veel ouders zoeken naar een goede gemengde school voor hun kinderen, maar kunnen die simpelweg niet vinden. We kunnen niet aan ouders alleen vragen om dit collectieve probleem zelf maar op te lossen. Daarvoor moeten we samenwerken. De PvdA vindt dat ontmoeting meer centraal moet komen te staan in het onderwijs. Dat begint op de voorschool en kinderopvang, die veel meer samen moeten optrekken, en zet zich door op de basisschool en in het voortgezet onderwijs.

    • Alle peuters hebben het recht om zich van jongs af aan spelenderwijs te ontwikkelen en van elkaar te leren. Wij willen dat er voor ieder kind, ongeacht afkomst, plek is op de voorschool en in de kinderopvang, zonder scheidslijnen tussen kinderen met en zonder (taal)achterstanden. We willen dat iedere basisschool zich verbindt aan ten minste één voorschool, om selectie aan de poort te voorkomen en voor betere doorlopende leerlijnen van 0 tot 12 jaar.
    • Basisscholen horen echte buurtscholen te zijn en daarmee ook een goede afspiegeling van de plaatselijke samenleving. Segregatie gaan we tegen. We stimuleren ouderinitiatieven om scholen te mengen, belonen scholen die zich inzetten voor een gemengde populatie, zorgen voor heldere en inzichtelijke inschrijfprocedures en goede voorlichting en maken bindende afspraken met schoolbesturen om segregatie te voorkomen.
    • We willen dat leerlingen op vmbo, havo en vwo elkaar vaker onder één dak ontmoeten binnen brede scholengemeenschappen en brede brugklassen. Dat zorgt ervoor dat kinderen zich tot op latere leeftijd kunnen ontwikkelen en doorstromen naar het niveau dat bij ze past. We maken het mogelijk dat brede scholen indien nodig extra middelen krijgen om huiswerkbegeleiding en bijlessen mogelijk te maken zonder financiële drempels voor kinderen met ouders met een smalle beurs. We keren de trend waarbij steeds meer categorale scholen ontstaan, terwijl het aantal brede scholengemeenschappen achterblijft.
    • Het inschrijfsysteem voor basisscholen en voortgezet onderwijs moet iedereen een eerlijke en gelijke kans bieden op goed onderwijs. Scholen die zich aan het inschrijfsysteem proberen te onttrekken of drempels opwerpen voor bepaalde leerlingen, attenderen we op hun verantwoordelijkheid.
    • Burgerschapsonderwijs verdient een veel belangrijker plaats op alle Amsterdamse scholen. Juist in onze diverse stad is het belangrijk dat kinderen van jongs af aan leren wat het vergt om vreedzaam samen te leven. Daaronder valt je verplaatsen in de ander, omgaan met verschillen, de betekenis begrijpen van democratische waarden, de vrijheid nemen en gunnen om jezelf te zijn en het voorkomen van discriminatie en uitsluiting.
    • Alles moet op een Amsterdamse school bespreekbaar kunnen zijn, zodat iedereen zich veilig en vrij kan voelen. We vinden het belangrijk dat leraren samen het gesprek aangaan over hoetaboeonderwerpen in de klas bespreekbaar te maken. De gemeente gaat de leraren en scholen hierbij zo goed mogelijk ondersteunen. ● Scholen zijn niet alleen een plek waar kinderen leren, maar ook een plek van ontmoeting in de buurt. Ouders treffen elkaar bij het halen en brengen van kinderen. Buurtactiviteiten worden in de school gehouden. Schoolpleinen worden na schooltijd gebruikt om te spelen. Bij de bouw en herinrichting van scholen is het belangrijk om de ontmoetingsfunctie zo veel mogelijk te verbeteren.

    Iedereen verdient goed onderwijs

    Amsterdam heeft prachtige scholen en een divers aanbod. Traditiegetrouw bemoeien we ons flink met de kwaliteit van het onderwijs. We blijven werken aan goed onderwijs en rusten niet totdat alle scholen van uitstekende kwaliteit zijn. Dat is in eerste instantie de taak van directeuren en leraren. Die ondersteunen we waar nodig en mogelijk. Sommige scholen hebben een grotere uitdaging dan andere scholen omdat hun leerlingen minder meekrijgen van thuis. Deze zogenaamde focusscholen geven we extra geld, zodat ook hun leerlingen het beste uit zichzelf kunnen halen.

    • Amsterdamse kinderen zouden allemaal zonder taalachterstand aan de basisschool moeten beginnen. Alle kinderen hebben het recht zich optimaal te ontwikkelen vanaf jonge leeftijd. We blijven investeren in goed taalonderwijs op jonge leeftijd en tijdige signalering van achterstanden. Scholen waarop veel kinderen met een achterstand zitten (focusscholen) krijgen meer financiële ondersteuning - niet eenjarig maar doorlopend. De regie ligt bij de schoolleider die het beste weet wat ter plekke nodig is. Er kan worden geïnvesteerd in extra handen in de klas, verlengde leertijd of extracurriculaire activiteiten.
    • Onderadvisering op basis van afkomst of achtergrond is onacceptabel, maar komt helaas nog te veel voor. We houden scherp in de gaten op welke scholen onderadvisering voorkomt en spreken hen daarop aan. We voorkomen onderadvisering door te investeren in onderzoek, taalonderwijs en onderwijskwaliteit. Om kinderen in staat te stellen ook op latere leeftijd achterstanden in te lopen, blijft het stapelen van diploma’s in het onderwijs mogelijk.
    • Voor goed onderwijs heb je goede schoolgebouwen nodig. Te veel schoolgebouwen kampen met slechte lucht of zijn slecht ingericht voor het onderwijs dat er wordt gegeven. Wij investeren in goede, gezonde schoolgebouwen. Vooral in de scholen waar de uitdagingen voor het onderwijs het grootst zijn.
    • Goed onderwijs bestaat uit meer dan het leren van cognitieve vaardigheden. Tuinieren in schooltuinen, museumbezoek, sportactiviteiten, muziekles en excursies - het zijn allemaal belangrijke leerervaringen. Het is belangrijk dat alle kinderen op Amsterdamse scholen voldoende in aanraking komen met het rijke culturele, sportieve en historische aanbod dat Amsterdam te bieden heeft. Ook komt elk kind in zijn schoolcarrière minstens één keer langs in het stadhuis voor een les over de lokale democratie.
    • We zijn in Amsterdam open over ons onderwijs. Scholen maken daarom zonder omhaal hun resultaten openbaar beschikbaar voor ouders en onderzoekers. Belangrijk is dat hierbij niet alleenwordt gerapporteerd over de eindresultaten, maar vooral over leeropbrengsten. Eindopbrengst zegt niets als het startniveau niet bekend is. Het is een grotere prestatie om een kind dat eerst een E scoorde een C te laten scoren, dan een kind dat altijd al een B scoorde een B te laten houden.
    • De ouderbijdrage is altijd vrijwillig en mag nooit een belemmering zijn voor kinderen om naar een bepaalde school te gaan. Een handvol scholen in Amsterdam vraagt zeer hoge bijdragen van ouders. Wij willen dat ze hiermee stoppen, omdat het ongelijkheid in de hand werkt en scholen minder toegankelijk maakt.
    • Het niet kunnen betalen van de ouderbijdrage mag nooit een reden zijn voor scholen om kinderen uit te sluiten van activiteiten als schoolreisjes en vieringen op school. Scholen die hierdoor aantoonbaar in de financiële problemen komen, kunnen erop rekenen dat de gemeente bijspringt.
    • Ouderbetrokkenheid is cruciaal voor goed onderwijs. We willen het gesprek tussen leraren, leerlingen en ouders versterken. Medezeggenschapsraden en platforms voor ouders, zoals ouderconsumentenvereniging OCO, zijn belangrijke partners om het beste onderwijs voor onze kinderen te bereiken. Goed leren en onderwijzen kan alleen in een veilige omgeving. Signalen van onveiligheid nemen we altijd serieus. Samen met school, ouders, wijkagent en hulpverleners bekijken we hoe dit zo snel mogelijk op te lossen is. We ondersteunen initiatieven als de vreedzame school die bijdragen aan een prettige wijk. ●
    • Ook buiten schooltijd kunnen leerlingen veel leren. Wij stimuleren een rijk aanbod van naschoolse activiteiten die zo goed mogelijk aansluiten op het aanbod van school. We gaan experimenteren met het beter integreren van het aanbod binnen en buiten school, met een betere aansluiting tussen school en naschoolse opvang. Hierdoor vormen leren, spelen en ervaren meer een geheel.
    • Ook buiten de internationale school of het tweetalig onderwijs hoor je goed Engels te leren. Wij willen dat het aanbod van Engelstalig onderwijs op elke basisschool goed op orde is.
    • Nieuwkomersklassen voor migrantenkinderen dienen van uitstekende kwaliteit te zijn, zodat kinderen zo snel mogelijk kunnen doorstromen naar reguliere klassen en kunnen meedoen in de Amsterdamse samenleving.

    Leraren verdienen meer

    Dankbaar zijn we dat Amsterdamse leraren elke dag weer klaarstaan voor onze kinderen. Ze verdienen daarvoor meer waardering. Het lerarentekort in Amsterdam loopt schrikbarend hard op. Naar verwachting komen we de komende jaren 500 basisschoolleraren tekort. Duizenden kinderen en honderden klassen hebben straks geen vaste meester of juf. Overvolle klassen en overspannen leraren zijn het gevolg. Dit is natuurlijk onacceptabel. Daarom gaan we gaan leraren op vele manieren ondersteunen. We gaan investeren in het werven en behouden van leraren voor het Amsterdamse onderwijs.

      ● In Amsterdam gaan we niet over het lerarensalaris, maar we kunnen wel zorgen voor de randvoorwaarden om leraren beter te kunnen laten werken. Bijvoorbeeld door het bieden vangoede huisvesting, opleidingen, reiskostenvergoeding, parkeervergunningen en extra handen in de klas.
    • Leraar zijn in een grote stad met een grote diversiteit aan leerlingen vergt extra vaardigheden. Wij willen meer investeren in de mogelijkheden om te kunnen switchen tussen de straat-, school- en thuiscultuur. Daarom ontwikkelen we samen met de pabo’s, de universiteiten en de Amsterdamse basisscholen een extra grootstedelijk opleidingstraject voor Amsterdamse leraren. Scholen moeten de tijd en ruimte krijgen om nieuwe leraren goed te begeleiden gedurende de eerste jaren, zodat vroegtijdige uitval voorkomen wordt.
    • Er komt een speciale campus om pabo-studenten huisvesting te bieden. Afgestudeerden die in Amsterdam gaan werken, mogen na hun studie vijf jaar op de campus blijven wonen. Daarnaast breiden we de voorrangsregeling in het actieplan middeldure huur uit met leraren, aan wie een significant deel van de starterswoningen toegewezen wordt. Ook reserveren we een deel van de transformatie van kantoorpanden voor woningen voor leraren. (zie ook hoofdstuk Wonen). Voor de klas moeten de allerbeste leraren staan. Daarom blijven we bijscholing ondersteunen. ●
    • Netwerken van leraren en schooldirecteuren, zoals bijvoorbeeld verenigd in Meesterschappers, zijn belangrijke partners bij het ontwikkelen van goed onderwijs in Amsterdam. Zij weten als geen ander wat er speelt en verdienen daarom ondersteuning. Hun voorstellen en verzoeken worden serieus genomen.
    • We investeren in omscholingstrajecten voor zij-instromers (en mannelijke hij-instromers).

    Leren voor je toekomst

    Amsterdam is een bedrijvige stad met een groeiende economie. Onze bedrijven vragen om echte vaklieden. Zeker in bepaalde sectoren (het onderwijs, de techniek, de zorg) is een schreeuwend gebrek aan personeel. Het onderwijs moet bijdragen aan de oplossing van deze tekorten. Scholen en bedrijven moeten daartoe intensiever samenwerken. Werkloze jongeren moeten zo snel mogelijk terug naar de schoolbank en naar een mooie passende baan.

    • Investeringen in het beroepsonderwijs blijven noodzakelijk om het onderwijs op peil te krijgen en te houden. We zetten de mbo-aanpak voort.
    • Scholen moeten beter aansluiten op de Amsterdamse arbeidsmarkt. Samen met mbo’s, hbo’s en werkgevers inventariseren we waar de aansluiting niet optimaal is. Ook bedenken we hoe we opleidingen aantrekkelijker kunnen maken voor sectoren waar tekorten zijn.
    • Het niet vinden van een stage mag nooit een reden zijn voor het niet voltooien van een opleiding. Daarom pakken we het tekort aan stageplaatsen voor scholieren en studenten aan. Wij investeren in stagemakelaars, zoals in het buurtgerichte project UrbanYouth. De gemeente geeft het goede voorbeeld met een groot stage-en trainee-aanbod. Scholen nemen hun verantwoordelijkheid bij het regelen van stages, aangezien die deel uitmaken van het curriculum. Desnoods door hulp van buitenaf de school in te vliegen, zoals het project Champs on Stage. Het probleem dat sommigestudenten vanwege het ontbreken van een verklaring omtrent gedrag (VOG) geen stage kunnen krijgen, en de opleiding dus niet kunnen afronden, gaan we oplossen.
    • Amsterdammers moeten altijd volop mogelijkheden krijgen om zich ook op latere leeftijd te blijven ontwikkelen en achterstanden als laaggeletterdheid weg te werken. Daarom bieden we voldoende mogelijkheden voor volwassenenonderwijs en omscholing.
    • Het stapelen van diploma’s in het onderwijs moet mogelijk blijven. We zijn streng voor scholen die leerlingen belemmeren om op te klimmen. Schooluitval verpest toekomstkansen. We willen schooluitval met een derde verminderen. We bestrijden dat vroegtijdig door meteen te handelen bij de eerste tekenen hiervan (spijbelen, slechte schoolprestaties, problemen thuis). Scholen mogen leerlingen niet zomaar uitschrijven zonder diploma of vervolgopleiding. Zolang ze geen startkwalificatie hebben zijn jongeren wat ons betreft tot hun 23e leerplichtig. Voor jongeren die moeite hebben met leren, wordt een combinatie van werken en leren mogelijk gemaakt.

    Op school zorgen we voor elkaar

    Kinderen die extra zorg nodig hebben gaan zoveel mogelijk naar gewone scholen, met vriendjes en vriendinnetjes uit de buurt. Als je zorg nodig hebt, krijg je dat in Amsterdam ook op school.

    • Elk kind krijgt passend onderwijs. Dat loopt nog niet goed genoeg. We spreken schoolbesturen aan op hun gezamenlijke verantwoordelijkheid. We ondersteunen leraren extra waar zorg en passend onderwijs leiden tot extra werkdruk.
    • Op elke school zijn medewerkers van de ouder- en kindcentra aanwezig zodat de aansluiting tussen school en zorg verbetert.
    • Pesten hoort niet thuis op onze Amsterdamse scholen. Alle kinderen horen zich fijn en veilig te voelen op hun school. Elke school gaat pesten actief bestrijden met een anti- pestprogramma.
    • We ondersteunen scholen om signalen van huiselijk geweld, loverboyproblematiek

    Bruisende internationale studentenstad

    Geen gemeente telt zoveel studenten als Amsterdam. Anders dan in de geijkte studentensteden is de charme van Amsterdam dat studenten hier gewoon onderdeel zijn van de stad. Ze doen vrijwilligerswerk, dragen menige culturele voorziening en zorgen voor de reuring die de stad nodig heeft. We investeren in studentenkamers en kamers voor andere Amsterdamse jongeren, en in starterswoningen. Het is zonde als al die kennis de stad verlaat.

      ● Samen met onderwijsinstellingen en studentenvertegenwoordigers maken we een nieuw actieplan studentenhuisvesting. De ambitie voor het realiseren van betaalbare studentenwoningen, met eenhuur onder de 500 euro, blijft op peil.
    • Er komen diverse complexen waarin statushouders en studenten gemengd wonen.
    • We investeren in de veiligheid van campussen en fietsroutes.
    • Samen met studentenorganisaties zorgen we ervoor dat studenten hun talenten kunnen inzetten voor de stad. We werken aan een Academie van de Stad, die het beroeps- en wetenschappelijk onderwijs betrekt bij het vinden van oplossingen voor maatschappelijke problemen.

    6. Een schone en klimaat neutrale stad

    Wij zijn voor duurzaam – al is dit woord wel platgetrapt. Weinig begrippen die zo gekaapt zijn door belangengroepen, technocraten en bedrijven op zoek naar een beter imago.

    We gebruiken liever de gewone taal die er ooit voor bedoeld was. Het groen, de lucht en het water van de stad bepalen hoe gezond we met z’n allen zijn. Op veel plekken in Amsterdam overschrijdt de uitstoot van fijnstof en andere troep de norm. Vaak is de schone leefomgeving ook nog eens oneerlijk verdeeld. Dat moet snel veranderen. In onze stad houden we rekening met de longen van alle mensen, zorgen we ervoor dat bewoners van een portiekflat ook groen in de buurt hebben en willen we dat het water zoveel mogelijk uitnodigt om een frisse duik te nemen.

    Laten we daarom onszelf een schone stad cadeau doen. In 2025 bestaat Amsterdam 750 jaar, dan zouden we een heel eind op streek moeten zijn. Dat betekent flink ingrijpen en innoveren. Voorop lopen bij het halen van Parijse klimaatdoelen. Onze grondstoffen en dus ook ons afval hergebruiken, oftewel circulair gebruiken. Huizen isoleren en schoon vervoer bevorderen. IJzerenheinig de schoonste producten inkopen als gemeente. Zo creëren we en passant tal van groene banen.

    In je eentje red je het niet, samen bereik je meer. Daarom werken we de plannen uit met partners als Milieudefensie, de Dakdokters, de Groene Stad en Urgenda, en met de bedrijven én de Amsterdammers zelf, die vaak uitstekende plannen hebben voor de bevordering van ecologie en duurzaamheid in hun eigen buurt.

    Schone lucht en leefomgeving

    Hoe schoner de omgeving, hoe gezonder en beter Amsterdammers zich voelen. Onze lucht is nog altijd te smerig, soms ook schadelijk. Wij willen zorgen voor schonere lucht in de stad, schonere grachten en kanalen en meer groen.

    • Al het gemotoriseerd verkeer, op straat en op het water, is in 2025 uitstootvrij. Er moeten daarom meer parkeerplekken met elektrisch opladers komen, bij voorkeur snelladers.
    • Het weren van diesels uit de stad werkt. De milieuzones van Amsterdam worden daarom strenger. Aan het eind van de komende collegeperiode mogen uitsluitend diesel (vracht) auto’s van de schoonste generatie de stad in.
    • De maximumsnelheid in het gehele centrum wordt 30 km/u. In de bebouwde kom gaat voor alle niet-doorgaande straten een maximumsnelheid van 30 km/u gelden. De gehele A10 krijgt, in navolging van de ring-West, een maximumsnelheid 80 km/u. Zo houden we de lucht schoner en het verkeer veiliger.
    • Het grachtenwater in de stad moet (nog) schoner worden. Er komen meer zwemplekken in de stad met strandjes.
    • De volkstuinen in de stad worden zoveel mogelijk behouden. Stadslandbouw en schooltuinen in de bebouwde omgeving worden gestimuleerd waar dat mogelijk is. Regels die dat in de weg staan, worden kritisch getoetst op nut en noodzaak.
    • Er komt meer groen in nieuwbouwwijken waar relatief veel bestrating is. Buurtinitiatieven die de straat levendig maken met geveltuintjes, rustplekjes, bankjes, speelgebieden en ontmoetingsplekken, zijn top en ondersteunen wij.
    • In onze stad vinden wij het belangrijk dat er niet alleen mooi aangelegde parken zijn, maar ook natuurlijke plekken waar de biodiversiteit kan floreren en door mensen beleefd kan worden. We beschermen de groengebieden in en rondom Amsterdam.

    Amsterdam versneld energieneutraal

    Het tijdperk van fossiele brandstoffen loopt op z’n eind. Ook Amsterdam moet op afzienbare termijn volledig over op schone energie. Nul op de meter in huis is bovendien goedkoper voor Amsterdammers. De initiatiefwet van de PvdA en GroenLinks uit 2016, waarin de overheid verplicht wordt om harder te werken aan het klimaat en daarover meer verantwoording af te leggen, is leidend. Samen met GroenLinks en de Partij voor de Dieren hebben we deze wet vertaald naar de lokale Amsterdamse situatie.

    • Uiterlijk in 2050 is Amsterdam volledig klimaatneutraal. Uiterlijk 2030 stoot de stad als geheel 55% minder CO2 uit. Om deze doelstellingen daadwerkelijk te behalen stelt de gemeente elke vier jaar een klimaatplan op, conform de doelstellingen in de Klimaatwet.
    • Dit moeten we samen met anderen in de regio bereiken. We sluiten daarom aan bij de regionaleenergieafspraken.
    • We stimuleren lokale duurzame energiecoöperaties. Deze opwekking moet ten dele in de regio plaatsvinden. Daarvoor gaan we samen met omringende gemeenten locaties vastleggen. Daarbij houden we rekening met de omwonenden.
    • Amsterdam moet koploper worden bij nieuwe energienetten. Schone energie wordt opgewekt door en opgeslagen in huizen en auto’s. De groene stroom kan probleemloos het net op en worden afgenomen. Daartoe neemt de gemeente een innovatie-initiatief met de energiesector.
    • De Nuon kolencentrale op de Hemweg gaat de komende collegeperiode dicht. We onderzoeken of we de centrale kunnen omvormen tot een laboratorium voor hernieuwbare energie. ​ ​ Daarnaast zorgen wij ervoor dat de 200 werknemers van de centrale weer zo snel mogelijk aan de slag kunnen.
    • De Amsterdamse haven neemt zo snel mogelijk afscheid van de opslag van kolen en benzine. Wij ondersteunen het havenbedrijf Amsterdam bij herinrichting van haar gehele gebied tot het hart van duurzame innovaties in de woningbouw, industrie, transport, cultuur en energieproductie.
    • Er komen meer windmolens om de stad van hernieuwbare energie te voorzien. Bewoners worden uitgenodigd hierin een aandeel te nemen en van de winst mee te profiteren. Dit vergroot het gevoel van eigenaarschap en draagvlak.
    • Wij willen dat in 2025 de helft van onze platte daken groen zijn of vol liggen met zonnepanelen (en collectoren). Dit gaat om een oppervlakte van 600 voetbalvelden, tegenover de 22 voetbalvelden met groen of zonnepanelen die we nu hebben.
    • Alle nieuwbouw in de stad moet tenminste klimaatneutraal zijn, voorzien van groene daken en gasloos; niet alleen goed voor het milieu, maar ook voor de energierekening. Zeker voor de lagere inkomens dient dit te resulteren in een lagere energierekening. Mogelijk krijgen ze zelfs geld toe. Bij nieuwbouw werken we bovendien uitsluitend met materialen die kunnen worden hergebruikt. Nieuwbouwprojecten worden vanaf 2020 niet meer aangesloten op het gasnet.
    • Uiterlijk in 2030 zijn alle bestaande gebouwen geïsoleerd en is de gebouwde omgeving in de stad als geheel klimaatneutraal gemaakt. In 2025 staat de teller op zeker 50%. De gemeente ondersteunt dit op alle mogelijke manieren. Corporaties én particuliere eigenaren krijgen steun bij isolatie of bij het realiseren van energieopwekking door wind, zon of warmte-koudeopslag. Ook bedrijfspanden zijn in 2030 klimaatneutraal. Voor monumenten gelden aangepaste duurzaamheidseisen. Onze ambitie is Amsterdam uiterlijk in 2030 volledig gasloos te laten zijn.
    • Van corporaties in onze stad wordt verwacht dat zij betaalbare woningen verhuren. Zij zorgen ervoor dat investeringen in het klimaatneutraal maken van huizen niet ten laste komen van de huurders.

    Burgers en bedrijven zijn al onderweg

    In Amsterdam wemelt het al van de groene initiatieven van burgers en bedrijven. Vaak ontmoeten hun ideeën nog weerstand. Omdat we er juist trots op zijn dat Amsterdammers zelf aan de slag gaan, neemt de gemeente obstakels weg.

    • Amsterdam volgt duurzame initiatieven van burgers en bedrijven (ook de reeds bestaande) actief en ondersteunt ze, bijvoorbeeld via het Duurzaamheidsfonds voor bewoners en het midden- en kleinbedrijf. Het fonds is er ook voor Amsterdammers met lage inkomens die met LED-verlichting, energiezuinige wasmachines en ijskasten meteen hun energie rekening omlaag kunnen brengen. Overbodige en tegenstrijdige regels die goede initiatieven belemmeren worden geschrapt of versoepeld.
    • Bedrijven die goed bezig zijn met schonere productiemethodes worden beloond, bijvoorbeeld met steun bij het verkrijgen van kredieten voor grote milieu-investeringen. De gemeente gunt alleen opdrachten aan bedrijven die duurzaam produceren. We gaan aan tafel met grote vervuilers in de stad om oplossingen te zoeken.
    • Winkeliers met open deuren in de winter moeten meer bijdragen aan een beter klimaat. De gemeente treedt in overleg met ze om het aantal warmtegordijnen terug te dringen.

    Afval wordt grondstof

    Afval is niet meer van deze tijd. Als we het goed scheiden, kunnen we op termijn bijna alles hergebruiken. Verbranden is zonde, daar moeten we dus geleidelijk vanaf.

    • Uiterlijk 2020 sluiten we een regionaal grondstoffenakkoord. Daarin komen scherpe doelen voor afvalverwerking, hergebruik, het tegengaan van verspilling en het inkopen van hernieuwbare materialen. Als er een grondstoffencoöperatie kan komen die de omschakeling naar hergebruik een extra impuls geeft, richten we die op.
    • We gaan steeds minder restafval produceren. In 2022 voert Amsterdam nog slechts 30% af. Dit bereiken we door afval in ieder geval goed te scheiden. Waar mogelijk komen verschillende afvalcontainers om dat goed mogelijk te maken. Sowieso op de drukke plaatsen in de stad, zoals pleinen, parken en stations.
    • Het bezoeken van de milieustraat moet een uitje worden. We maken het complex daarom goed bereikbaar, realiseren een educatiecentrum met aansprekende voorbeelden van recycling en leggen werkruimten aan voor bewoners.
    • Er komen veel meer minicontainers in de stad, waarin kleine recyclebare producten als lege batterijen, cartridges en lampen worden ingezameld. Het aantal inzamelpunten voor klein chemisch afval wordt uitgebreid.
    • De oude afvaloven van het Amsterdams Energie Bedrijf (AEB) is verouderd. We schrijven hem af en gaan hem niet opknappen of herbouwen. Op termijn verbrandt de stad helemaal geen afval meer en wordt alles hergebruikt.
    • De gemeente Amsterdam koopt 100% duurzaam of circulair in - of het nu gaat om nieuwbouw, kantoormeubilair of verpakkingsmateriaal. De stad doet mee aan data-initiatieven die hergebruik van bouw- en sloopmaterialen makkelijker en inzichtelijker maken.
    • Samen met ondernemers in de stad gaan we kijken hoe we de hoeveelheid plastic en andere verpakkingen kunnen verminderen. Met name de fastfood sector leent zich hiervoor. Op zijn minst wordt biologisch afbreekbaar plastic de norm.
    • Amsterdammers moeten duurzaam, gezond en betaalbaar voedsel kunnen kopen. We steunen bedrijven die lokaal en milieuvriendelijk geproduceerd voedsel bieden. Daarover gaan we praten met die bedrijven.

    Mokum klaar voor zwaar weer

    Of we het nu leuk vinden of niet, door klimaatverandering moeten we rekening houden met steeds meer zware regenval in de stad. Ondanks alle dijken, grachten en kanalen is Amsterdam een kwetsbaar gebied. Om overstromingen te voorkomen zijn extra maatregelen noodzakelijk.

    • Het Amsterdamse rioolnet kent te veel zwakke plekken, zo wees de recente stresstest voor zware regenval uit. Deze pakken we aan.
    • Zodra straten en pleinen een opknapbeurt krijgen, komt er meer groen en een poreus wegdek. Zo kan regenwater wegzakken in de grond. Regenwater hoort in de bodem of naar tijdelijke bergingen.
    • Platte daken zijn zeer geschikt om te vergroenen en door groene daken en daktuinen wordt ook daar water opgeslagen.

    Amsterdam is goed voor de dieren

    In Amsterdam wonen meer dieren dan mensen. Het is goed dat de afgelopen jaren meer aandacht is gekomen voor dierenwelzijn. Wie er oog voor heeft, ziet een rijkdom aan wilde dieren in de stad. We vinden het belangrijk dat onze kinderen opgroeien met respect voor dieren en de natuur. Het verbod op wilde dieren in het circus was een mooie stap. De komende jaren gaan we verder.

    • Het welzijn van de dieren die wij eten is van groot belang. We moeten minder dierlijk en meer plantaardig voedsel gaan eten, ook vanwege de druk die vleesproductie op het milieu legt. Gezond eten zou voor iedereen betaalbaar moeten zijn.
    • Dierenambulance en dierenasiels moeten kunnen voldoen aan de vraag. Daarvoor trekken we genoeg geld uit. De dierenambulance mag zo nodig met zwaailicht rijden om tijdig ter plaatse te zijn. Het chippen van honden en katten wordt verplicht. Lage inkomens mogen gratis naar de dierenarts.
    • Huisdieren mogen geen impulsaankoop zijn. Betere voorlichting in dierenwinkels en door fokkers moet voorkomen dat dieren na korte tijd gedumpt worden of in het asiel belanden.
    • Het aantal bijtincidenten met honden moet omlaag, zo nodig door een muilkorfplicht of het verbieden van vechthonden in de APV.
    • We willen blijven werken aan het verbeteren van het dierenwelzijn in de verblijven voor de dieren die nu in Artis leven. De vele kinderboerderijen en schooltuincomplexen in de stad hebben een belangrijke functie in natuureducatie. Meer schoolklassen gaan er een bezoek aan brengen. Kinderboerderijen krijgen geld om achterstallig onderhoud te verrichten en dierenwelzijn te verbeteren.
    • Amsterdam is stiekem een natuurgebied. We versterken de biodiversiteit door de natuurwaarden te versterken en de knelpunten in de ecologische hoofdstructuur op te lossen. Wilde dieren in de stad, zoals de ooievaars in het Vondelpark en de ijsvogels in Noord, worden beschermd. De visstand in de Amsterdamse wateren blijft op peil.
    • Het inzetten van dieren bij evenementen wordt teruggedrongen. Er komt een verbod op het inzetten van dieren voor de lol, zoals rijden op een kameel tijdens een vrijgezellenfeest. Er komen strengere regels voor toeristische paardenkoetsen. Dierenmishandeling pakken we keihard aan.
    • In Amsterdam dreigt een muizen- en rattenplaag. Die lossen we op, zo mogelijk door de inzet van anticonceptiemiddelen. Op Amsterdams grondgebied willen we geen plezierjacht. Het beheer van ganzen in de nabijheid van Schiphol en de damherten in de Waterleidingduinen is onvermijdelijk. We zetten zoveel mogelijk in op natuurlijkere vormen van faunabeheer, zoals het verplaatsen van foerageergebieden voor ganzen.

    De gemeente als goed voorbeeld

    Als de gemeente van bewoners en bedrijven duurzame maatregelen vraagt, moet zij zelf het goede voorbeeld geven. We willen een cultuuromslag op alle vlakken en in iedere vezel van de gemeente-organisatie bereiken.

    • Iedere wethouder moet bijdragen aan de doelen van de Klimaatwet. Parallel aan de financiële cyclus komt er een jaarlijkse klimaatbegroting en klimaat-voorjaarsnota.
    • Ieder pand van de gemeente krijgt zonnepanelen of beplanting op het dak. In 2025 zijn alle gebouwen en diensten van de gemeente klimaatneutraal, gasloos en uitstootvrij. Dat geldt ook voor het wagenpark.
    • Bij projecten en contracten waarbij de gemeente is betrokken wordt vanaf 2020 gewerkt met materialen en ontwerpen die circulair zijn, of het nu gaat om nieuwbouw, kantoormeubilair of verpakkingsmateriaal. Circulair en duurzaam aanbesteden is de norm.

    7. Makkelijk onderweg door een mooie stad

    Amsterdam is elke minuut van de dag in beweging. Fietsers, voetgangers, personenauto’s, scooters, bussen, taxi’s, vrachtwagens, bestelbusjes, trams en metro’s, de bootjes door de grachten en de vliegtuigen in de lucht. Er komen steeds meer excentrieke vervoersmiddelen bij, zoals de elektrische fiets, de hooverboard, de Biro en de Google Car. Al dat verkeer doet de stad dichtslibben: de stad kan het bijna niet meer aan.

    Voor de PvdA staat toegankelijkheid voor iedereen voorop. Iedereen moet veilig en gezond, betaalbaar en betrouwbaar, en ook het liefst zo snel mogelijk op zijn of haar bestemming kunnen komen: naar je school, je werk, de bakker, de sportvereniging, het theater, naar familie. Of we willen gewoon genieten, op een pleintje of in een park. Met name de verkeersveiligheid en toegankelijkheid voor kinderen, ouderen en gehandicapten heeft bijzondere aandacht nodig. En daarnaast willen we dat al die verkeersbewegingen niet langer leiden tot onaanvaardbaar slechte lucht. Wij willen snel schone lucht voor de Amsterdammers. En een mooie openbare ruimte.

    Om dit alles mogelijk en waar te maken bouwen we verder op eerder door de PvdA ingeslagen wegen, maar maken we ook nieuwe radicale keuzen. Die uitwerking van die keuzen bespreken we met alle belanghebbenden: bewoners en ondernemers. Amsterdam groeit als kool en samen met 39 omliggende gemeenten vormen we de Metropool Regio Amsterdam. Stad en omstreken hebben elkaar hard nodig om een gezonde, vitale en duurzame regio te creëren. Goede samenwerking, goede onderlinge afspraken en een democratisch en transparant bestuur zijn noodzakelijk.

    Schone lucht en een mooie leefomgeving

    Hoe schoner de omgeving, hoe gezonder Amsterdammers zich voelen. Onze lucht is nog altijd te smerig en vaak ook schadelijk voor onze gezondheid. Onze straten zijn de afgelopen vier jaar vervuild. Wij willen zorgen voor schonere lucht in de stad en onze longen en voor schone straten en meer openbaar groen. Als er minder auto’s op straat staan, komt er ruimte waar we met de buurt plannen voor kunnen maken. Te denken valt aan groen, fietsparkeren en speelplaatsen, bankjes en plekken om elkaar te ontmoeten: initiatieven die je plezier buiten vergroten. Bewoners en ondernemers worden in een vroeg stadium betrokken bij de (her)inrichting van de openbare ruimte in hun buurt.

    • Door de bezuinigingen van de afgelopen jaren is de stad viezer geworden. Extra reinigers zijn nodig voor de schoonmaak van straten en pleinen en het onderhoud van het groen, zodat de openbare ruimte weer als schoon, mooi en veilig wordt ervaren. Mensen zijn dan ook eerder geneigd het schoon te houden en zullen bijvoorbeeld hun afval sneller weggooien in prullenbakken dan op straat.
    • Meer woonstraten in de stad worden autovrij gemaakt om er speel- en leefstraten (woonerf) van te maken. Dat is geen van bovenaf opgelegd project of alleen iets van bewoners, maar een wisselwerking tussen bewoners, stad, organisaties en bedrijven.
    • Wij willen experimenteren op sommige grachten één kant autovrij ten bate van meer groen, lopen, fietsen, fietsparkeren, en speelruimte .
    • Al het gemotoriseerd verkeer op de weg en op het water is in 2025 zo uitstootarm mogelijk. Er moeten capaciteit met elektrisch opladen bijkomen, bij voorkeur met snelladers. Ook worden er vier waterstof tankstations aangelegd. Verder moeten alle vervoermiddelen met tweetakt motoren uiterlijk in 2021 de stad uit. Alsmede toevoegen extra bullet: - Ook werkmaterialen moeten zoveel mogelijk uitstootvrij worden. Vanaf 2021 wordt een vergunningplicht ingevoerd voor werkmaterialen met tweetaktmotoren en dieselmotoren. Datzelfde geldt ook voor gemotoriseerd verkeer op het water.
    • Het weren van diesels uit de stad werkt. De milieuzones van Amsterdam worden daarom strenger. Aan het eind van de komende collegeperiode mogen uitsluitend diesel(vracht)auto’s van de schoonste generatie de stad in.
    • De maximumsnelheid in het hele centrum wordt 30 km/u. In de bebouwde kom gaat voor alle niet-doorgaande straten een maximumsnelheid van 30 km/u gelden. De gehele A10 krijgt, in navolging van de ring-West, een maximumsnelheid 80 km/u. Zo wordt we de lucht schoner en het verkeer veiliger.
    • De openbare ruimte kan niet worden geclaimd voor commercieel gebruik; de ruimte is van iedereen en kan eventueel worden vergund om te gebruiken, maar daarvoor moet worden betaald via de heffing van precario en/of reclamebelasting. Ook wordt beter gehandhaafd op het overal vrijhouden van voldoende ruimte voor scootmobielen en kinderwagens op het trottoir. Er is een minimale doorloopruimte van 2 meter nodig. Terrasregels moeten hierop worden afgestemd enstoepen die smaller zijn dan 2 meter moeten geheel vrij blijven van obstakels.
    • We moeten terug, of liever vooruit, naar het in 2016 door het stadsbestuur verlaten motto: minder reclame, meer kwaliteit.
    • Festivals horen bij een levendige stad maar er moet een maximum gelden, zeker voor festivals in onze parken. Er komt per park een vastgesteld maximum aantal toegestane evenementen. Het recreatief gebruik door bewoners, die tenslotte zelf vaak nauwelijks een buitenruimte bij hun woning hebben, heeft prioriteit.
    • We zorgen voor ruimschoots voldoende schone en veilige openbare toiletten voor iedereen, dus ook voor vrouwen ​ .

    Voetganger en fietser de ruimte

    Veel Amsterdamse straten, in de oude binnenstad maar ook in de 19e eeuwse wijken, zijn te nauw voor de toenemende stroom van auto’s, vrachtauto’s fietsers en voetgangers. We zullen moeten kiezen en dat doen wij ook. We kiezen vóór fietsers en voetgangers. Bezoekers krijgen minder gelegenheid om met hun auto de stad in te komen. Parkeerplaatsen verdwijnen ten gunste van groen- en speelruimte.

    • Er komen meer fietsstraten zoals de Sarphatistraat, waar de auto te gast is, niet harder mag dan 30 km/u en de hele weg eigenlijk fietspad is. In het centrum worden bijvoorbeeld de Marnixstraat en de Utrechtsestraat fietsstraat.
    • Bij alle verkeers- en ruimtelijke plannen worden straten zo fiets- en voetgangersvriendelijk mogelijk ingericht. Op radiaalwegen als de Van Woustraat en de Admiraal de Ruyterweg krijgen fietsers en voetgangers meer ruimte. Er komt een mooie fiets- en voetgangersbrug over het IJ om Amsterdam Noord en het centrum beter te verbinden.
    • Ook op de S 100 (Nassaukade, Stadhouderskade, Mauritskade) krijgt de fietser veilige brede fietspaden. Langs de Singelgracht worden de parkeerplekken opgeheven. De waterkant wordt ingericht als groene wandel- en fietspromenade. Waar genoeg ruimte is, komen plekken langs de waterkant om te recreëren.
    • Er komen veilige, vrije fietspaden vanuit IJburg en Zuidoost naar het centrum.
    • Fietsers die hun fiets laten registreren hebben voorrang bij overdekte en beveiligde fietsparkeergarages. Achtergelaten fietsen worden zo makkelijk gedetecteerd en afgevoerd en hergebruikt. Minder parkeerplekken voor auto’s betekent meer ruimte voor fietsparkeren. Het tekort aan fietsparkeerruimte is alleen op te lossen als serieus werk wordt gemaakt van het verwijderen van ongebruikte fietsen en fietswrakken.
    • Alle OV-knooppunten worden standaard voorzien van deelfietsen.
    • De toenemende drukte leidt tot steeds meer ergernis en schrik tussen fietsers en voetgangers inonze drukke stad. Het is belangrijk dat er goede voorlichting is voor toeristen. Ook asociaal fietsgedrag van Amsterdammers proberen we te voorkomen door handhaving en een goede campagne i.s.m. De Fietsersbond. Groepsgrootte van wandel- en fietsexcursies wordt gelimiteerd.

    De auto te gast

    Zo’n 50 jaar was de auto koning in Amsterdam en was zijn dominante aanwezigheid in de openbare ruimte vanzelfsprekend. Maar met per jaar zo’n 10.000 nieuwe Amsterdammers en de miljoenen bezoekers en toeristen is de druk op onze openbare ruimte ondertussen immens groot. Gelukkig nemen we zelf steeds vaker de fiets en bezitten verhoudingsgewijs steeds minder Amsterdammers een auto. Zeker onder jongeren is autobezit niet populair.

    • Automobilisten die zich binnen de stad willen verplaatsen worden verleid de ringweg te nemen in plaats van een route dwars door de stad. Op meer plekken in de stad komen zogeheten knippen zoals op de Munt, waarbij meer ruimte komt voor fietsers, voetgangers en bestemmingsverkeer en doorgaand verkeer wordt omgeleid via routes met een betere doorstroming.
    • Bezoekers van Amsterdam worden verleid hun auto langs de A10 te parkeren en vervolgens met het openbaar vervoer de stad in te gaan. Hiertoe worden meer transferia gebouwd bij OV-knooppunten, met een goede verbinding met de stad. Hier zijn ook (elektrische) fietsen te huur. Natuurlijk zijn de parkeertarieven (niet-vergunningstarieven) in transferia lager dan in de stad.
    • De parkeergarages binnen de stad zijn zoveel mogelijk bestemd voor bewoners met vergunning. Het gewoon parkeren voor bezoekers wordt flink duurder en het aantal parkeerplekken op straat wordt minder. Zo kunnen we meer van onze openbare ruimte genieten en bijvoorbeeld onze fietsen beter stallen.
    • We stoppen met het bouwen van geldverslindende ondergrondse publieke parkeergarages in de stad. Voor alle garages wordt de opheffingsnorm op straat minimaal 1:1. Dat wil zeggen voor elke parkeerplaats in een garage gaat er tenminste één parkeerplaats van straat. Dit geldt ook voor garages die in aanbouw zijn zoals de Boerenwetering/Albert Cuypgarage.
    • Autodelen wordt steeds populairder. Daarom komen er 2500 plekken bij voor deelauto’s in de stad. Scooters mogen alleen parkeren in daarvoor bestemde parkeervakken. Via het Rijk wordt geregeld dat Canta’s en vergelijkbare voertuigen zonder invalidenvergunnning niet meer op de stoep mogen parkeren.
    • Het aantal parkeervergunningen in de binnenstad en de 19de eeuwse wijken wordt fors verminderd in overleg met de bewoners, in ruil daarvoor volgt herinrichting van delen van de openbare ruimte, zoveel mogelijk afgestemd op de wensen van omwonenden. Bestaande vergunninghouders worden verleid om hun vergunning op te geven voor autodelen en parkeren aan de ring. We introduceren ook vergunningszones waar bezoekers niet en alleen bewoners kunnen parkeren. De kraskaart voor 65 plussers blijft intact.
    • We vergeten niet dat sommige bewoners hun auto gewoon nodig hebben voor hun beroep of mantelzorg. Dat geldt natuurlijk ook voor bezoekende mantelzorgers of mensen met een beperking. Scholen krijgen een vergunning voor leraren die van buiten de stad komen. Waar noodzakelijk blijfter ruimte voor de auto.
    • Sinds de invoering van de Taxiwet is het chaos op de taximarkt. Er zijn te veel taxi’s en ze zijn wisselend van kwaliteit. Wij willen de scheiding tussen de opstap- en belmarkt opheffen. Platforms als Über mogen alleen toegankelijk zijn voor Amsterdamse taxichauffeurs die voldoen aan de door de gemeente gestelde kwaliteitseisen. Er komen meer handhavers bij taxistandplaatsen.
    • De vervuilende touringcars gaan nu eindelijk de stad uit. De binnenstad wordt verboden gebied voor ze. Voortaan zet de toeristische industrie haar klanten af bij OV-knooppunten.

    Iedereen makkelijk en veilig met het openbaar vervoer

    Op 22 juli 2018 is het zover. Dan gaat de Noord-Zuidlijn naar verwachting eindelijk rijden. Dan wordt meteen het hele reisschema van het openbaar vervoer in de stad omgegooid. Trams krijgen andere nummers en gaan soms compleet andere routes rijden. Dat wordt flink wennen en daarom zullen wij de omschakeling op de voet volgen. In ieder geval gaan we door met flink investeren in een sterk openbaar vervoernet, samen met onze regiopartners. Er zullen immers heel veel woningen bij komen de komende periode. En ook die nieuwe gebieden moeten goed bereikbaar zijn. Het openbaar vervoer moet overal fijnmazig en frequent zijn.

    • Na de Noord-Zuidlijn gaan we door met het verbeteren van ons OV-net. Metrostation Sixhaven moet zo snel mogelijk worden aangelegd. Ook willen we een start maken met een nieuwe Oost-West metrolijn en de Noord-Zuidlijn doortrekken naar Schiphol. De ringlijn zou eindelijk eens echt rond gemaakt moeten worden door het ontbrekende stuk tussen Isolatorweg en Centraal Station af te maken.
    • De dichtheid van het openbaar vervoer in Noord, Zuidoost, Nieuw-West en IJburg en bij nieuwbouwwijken is een zorg, zeker ’s avonds en in het weekend, en moet fijnmazig en frequenter worden. Ook vinden we dat het regionale OV berekend moet blijven op de stroom forenzen die in Amsterdam werkt.
    • Het GVB moet af van dieselbussen. We gaan snel over op duurzame energie. Dit nemen we op in aanbestedingsplannen. De gemeente Amsterdam dringt daar ook op aan bij de aankoop van bussen voor het streekvervoer rond Amsterdam. Samen met de NS kijken we naar integratie van het metro- en treinnet.
    • Metro’s en sommige trams moeten ‘s nachts doorrijden. In de metro moet het meenemen van de fiets mogelijk zijn, ook in de spits.
    • Voor ouderen is een halte binnen een straal van hooguit 400 meter belangrijk. Ook willen wij op elke tram en metro weer een toezichthouder voor veiligheid en dienstverlening.
    • Bezitters van een stadspas met groene stip mogen gratis reizen in het Amsterdamse OV.
    • We regelen efficiënt en betaalbaar aanvullend openbaar vervoer voor Amsterdammers met eenbeperking. We zorgen voor herkenbare en rolstoeltoegankelijke stations en haltes.
    • Het GVB realiseert steeds betere resultaten en daar zijn we trots op. Tegelijk bezuinigt het Rijk enorm op ons openbaar vervoer. Wij zullen daarom bij het Rijk en de vervoersregio pleiten voor meer financiële armslag voor het GVB.
    • Buschauffeurs en tramconducteurs moeten goed worden getraind om met agressie om te gaan. De zorgteams van het GVB krijgen alle ondersteuning om hun werk goed te doen.

    Kinderen en ouderen veilig in het verkeer

    De verkeersveiligheid in de stad neemt de laatste tijd weer af. Met name jonge kinderen op weg naar school èn ouderen zijn extra kwetsbaar in het drukke verkeer. Daarom moeten we meteen actie ondernemen.

    • We leggen nog meer veilige, brede fietspaden aan. Scooters en brommers gaan naar de rijweg om onveilige situaties op fietspaden te voorkomen. Om de veiligheid van scooter- en brommerrijders te waarborgen wordt een helmplicht ingevoerd.
    • De laatste onveilige verkeerspunten worden snel aangepakt.
    • Kinderen krijgen goede fiets- en veilig verkeer-cursussen.
    • De belangrijkste oorzaak van ongevallen is het gedrag van verkeersdeelnemers. Er komen meer handhavers om roekeloos rijgedrag aan te pakken en de maximum snelheid van 30 km/uur te handhaven. Kinderen moeten veilig naar school en ouderen veilig over straat.
    • Rondom scholen wordt extra goed gekeken hoe maatregelen kunnen worden genomen om de verkeersveiligheid te bevorderen, zoals vrijliggende fietspaden, verkeersdrempels en een verbod op vrachtverkeer tijdens openings- en sluitingstijden van scholen.

    We gebruiken het water goed

    De Amsterdamse grachten zijn ooit aangelegd als logistieke infrastructuur, naast stedelijke verfraaiing en waterberging. Die belofte van transportsysteem hebben de grachten nog altijd in zich. Ondertussen groeit het toeristische passagiersvervoer verder, met alle overlast voor bewoners van dien. Nieuwe vaargebieden in en om de stad wachten op ontsluiting en kunnen zowel de Amsterdammers zelf als de bezoekers nieuwe bestemmingen leveren.

    • De PvdA wil dat er meer veerboten gaan varen over het IJ. Daarnaast moet de brug over het IJ snel gerealiseerd worden. De drukte op de ponten wordt snel aangepakt door veerdiensten vaker te laten varen met grote ponten.
    • We onderzoeken nut en noodzaak van het verplaatsen van de passagiersterminal.
    • Wij hebben zorgen over de grote toegenomen commerciële drukte op het water nu die markt isvrijgegeven. Wij willen allereerst de overlast voorkomen en de veiligheid waarborgen.
    • De PvdA heeft oog voor de ondernemers in de rondvaartbranche. Maar we trekken aan de noodrem als de groei tot te grote overlast voor bewoners leidt. Een platte race naar de bodem is evenmin wenselijk. In 2022 willen we een energiezuinige rondvaartvloot. Dan zijn er ook kleinschalige op- en afstapplekken, goed verspreid over de stad.
    • We willen meer gebruik gaan maken van de vaarwegen voor transport van goederen.

    Weg met de overmaat aan halflege bezorgende busjes en vrachtwagens in de stad

    De opmars van pakketpost is niet te stuiten. Samen met ondernemers gaan we op basis van onderzoek van het AMS (Amsterdam Metropolitan Solutions) bouwen aan een slim en efficiënt nieuw bevoorradingssysteem. Grote zware dieselvrachtwagens bannen we uit de stad.

    • Langs de A10 komen distributiecentra, bij voorkeur gelegen aan doorgaande vaarroutes, waar de lading overgaat op kleinere, emissieloze vrachtwagens en bestelbussen of op elektrisch aangedreven vrachtboten. Zij brengen de vracht efficiënt voor meerdere firma’s door de stad. Bij de bruggen in het Centrum komen laad- en losplekken om de dwarsstraten te kunnen bedienen.
    • Pakketbezorgers gaan niet meer met busjes van deur tot deur. Ze leveren hun pakjes af bij nieuwe afhaalpunten, die in overleg met bewoners worden bepaald. Dat kunnen winkels zijn, cafés, maar ook privépersonen die zich daarvoor aanbieden. Zo ontstaat nieuwe cohesie in wijken en buurten en verstoppen we het verkeer niet.

    8. Kunst en cultuur voeden de samenleving in elke zin

    Misschien is dat wel de reden waarom onze stad zo populair is. Kunst en cultuur vormen letterlijk de goudader van Amsterdam.

    Kunst en cultuur gaat over wie we zijn, wie we kunnen zijn, waar we vandaan komen en naartoe gaan, over onze drijfveren en dromen. Kunst troost, daagt uit, onderzoekt, verrast, amuseert en geeft te denken, het raakt ons en is soms ongemakkelijk. Het is de schatkamer van ons verleden, een etalage van het heden en een kraamkamer voor de ideeën en verbeelding van de toekomst. Kunst heeft een waarde op zichzelf, niet in geld uit te drukken. Elke Amsterdammer verdient de kunst van onze stad en daar trekken we geld voor uit en zetten we vakmensen voor in.

    De PvdA kijkt verder dan de grote musea en het Concertgebouw aan het Museumplein. Alleen al de schoonheid van onze Amsterdamse oude stad is een pure inspiratiebron, ja ook voor ondernemerschap. Maar de echte wereld valt te winnen door jongeren te inspireren met kunst aan de slag te gaan, dwars door al onze culturen heen. Kunst en cultuur in de wijk. We willen dat kunst werelden verbindt. NoLimit in Zuidoost en de Melkweg in het Centrum werken samen om technici op te leiden. Het Leerorkest is een parel van onze stad. Rappers die in een studiootje in Noord begonnen trekken het land in. De kunst is om nieuwe cultuur te laten ontstaan, zonder het te sturen.

    Onze Amsterdamse kunst en cultuur

    Amsterdam kent musea, theaters, monumenten en gezelschappen die over de hele wereld bekend zijn. Wij willen dat elke Amsterdammer hiervan geniet. We investeren in initiatieven die het beste van Amsterdam toegankelijk maakt voor elke Amsterdammer.

    • Onze musea, concert- en theaterzalen vormen een belangrijk visitekaartje voor de stad. Het cultuurbudget gaat omhoog. Extra geld komt er voor jongerencultuur en om de werknemers in de culturele sector beter te betalen.
    • De amateurkunst bloeit in Amsterdam en trekt volle zalen. Wij willen dit ondersteunen en samen met de culturele sector verder ontwikkelen. Initiatieven waarbij amateurs en professionals samenwerken krijgen extra ondersteuning.
    • Jong en oud, blank en zwart, man en vrouw - iedereen moet zich herkennen in culturele producties. De Code Culturele Diversiteit geeft aanknopingspunten om hieraan te werken. Wij steunen deze code en vragen alle culturele instellingen de code over te nemen.
    • De Governance Code Cultuur, over goed bestuur en goed toezicht in de kunst- en cultuursector, wordt door alle Amsterdamse instellingen overgenomen en nageleefd. De gemeente gaat goed toezien op de naleving van deze code.
    • De cultuurhuizen in Zuidoost, Nieuw-West, Noord en West verdienen een extra impuls. In stadsdeel Oost is ruimte voor een nieuw cultuurhuis. Het aantal debathuizen moet op het huidige peil blijven of worden uitgebreid.
    • In de afgelopen periode is in de kunstenplansystematiek een scheiding gemaakt tussen de basisinfrastructuur (‘BIS’) en de culturele instellingen die bij het Amsterdams Fonds voor de Kunst geld aanvragen (AFK). De evaluatie van deze systematiek wordt aangegrepen om in samenspraak met de culturele instellingen te kijken of de systematiek voldoet en de instellingen een eerlijke kans geeft.
    • Het is schrijnend slecht gesteld met de arbeidsmarktpositie van veel kunstenaars. Gesubsidieerde culturele instellingen moeten om te beginnen hun makers en artiesten fatsoenlijk belonen. We erkennen dat dit voor sommige instellingen en gezelschappen mede te maken heeft met hun middelen en waar nodig willen wij daar geld voor vrij maken. Steeds meer Amsterdammers dragen particulier bij door crowdfunding via platforms als voordekunst. De gemeente draagt de komende periode bij aan de ontwikkeling van deze initiatieven.
    • De voorraad ateliers en atelierwoningen wordt uitgebreid. Leegstaande gemeentelijke panden worden al dan niet tijdelijke broedplaatsen. Broedplaatsen als het NDSM-terrein in Noord zijn niet meer weg te denken uit de stad en worden definitief culturele vrijplaatsen. Amsterdam gaat het opzetten van wooncoöperaties en woongroepen van kunstenaars ondersteunen.
    • AT5 moet de status krijgen van regionale omroep. De gemeente ondersteunt de lobby hiervoor bijhet Rijk.

    Cultuureducatie op alle scholen en van hoge kwaliteit

    Alle Amsterdamse kinderen krijgen muziek- en cultuuronderwijs op school. Zo bereiken we alle kinderen van de stad en wordt cultuur een vanzelfsprekendheid voor alle Amsterdammers.

    • Alle scholen van Amsterdam verzorgen cultuureducatie. Samen met scholen en culturele instellingen investeert de gemeente in vakleerkrachten. Ook ontwikkelen deze partijen een curriculum met harde leerdoelen. Cultuureducatie wordt eveneens ingevoerd op het vmbo, het speciaal onderwijs en de praktijkschool.
    • Scholen en de jeugd-cultuurinstellingen gaan beter samenwerken, zodat doorlopende leerlijnen ontstaan tussen school en cultuurbeoefening in de vrije tijd.
    • Verschillende jeugdtheaterinstellingen hebben de afgelopen jaren gevochten voor hun bestaan. Wij creëren rust door het voortbestaan van deze instellingen te garanderen. Jeugd- en leerorkesten zijn gewaardeerd en succesvol. We breiden ze uit naar andere plekken in de stad.
    • Verschillende professionele cultuurhuizen hebben jeugdopleidingen en –projecten. Talent kan zich hier optimaal ontwikkelen. De gemeente gaat hierbij ondersteunen.

    Urban culture, street art en jongerencultuur

    Urban culture is een volwaardige loot geworden aan de stam van de culturele wereld. Het Amsterdam Dance Event is toonaangevend in de wereld. Amsterdam heeft tal van kleurrijke buurten waar we mogen laten zien wat de identiteit van een wijk is, zoals bij projecten als de Wijksafari van Zina Platform. Jongeren krijgen de ruimte om de kunst te maken die zij willen, met dans, rap, graffitikunst.

    • Bewoners geven de buurt hun identiteit. Alle buurten maken daarom een eigen cultuurplan. Leegstaande gemeentepanden worden vaker beschikbaar gesteld als (tijdelijke) broedplaatsen.
    • Straatkunst hoort bij de stad. Het Street Art Museum moet de ruimte krijgen te groeien. Naoorlogse wandkunst wordt beschermd en in geval van sloop van gebouwen bewaard voor de stad.
    • Voor jongeren komt er meer cultuur waaraan zij zelf behoefte hebben, zoals rapstudio’s en andere oefenruimten voor jongeren. Jongeren krijgen vanaf 16 jaar stemrecht over de besteding van buurtbudgetten.
    • Een belangrijk deel van het culturele leven speelt zich af op stadsdeelniveau. De tendens van centralisering roepen we een halt toe. Buurttheaters, -musea, en -debatcentra moeten behouden blijven.

    Behoud én creëer cultuurhistorie

    Amsterdam telt ruim 8500 Rijks- en gemeentelijke monumenten en een aantal beschermde stads- en dorpsgezichten. Het centrum is sinds 1999 beschermd stadsgezicht, de grachtengordel sinds 2010 zelfs UNESCO Werelderfgoed. Veel meer eretitels kunnen we niet bereiken. Des te groter het belang om deze historische waarden zorgvuldig te beheren voor volgende generaties.

    • Wat van waarde is, moet behouden blijven en wat nieuw gebouwd wordt, moet van waarde zijn. Er komt een stadsbouwmeester die zorgt voor visie en samenhang in het bouwbeleid. De bijdrage van architecten, kunstenaars en vormgevers wordt belangrijker bij stadsuitbreidingen.
    • Niet alleen de oude binnenstad en de bekende toeristische trekpleisters moeten beschermd worden. Ook naoorlogse gebouwen en recente ‘iconen’ zoals de Bijlmerflats moeten vaker worden aangewezen als gemeentemonument. Het Van Eesterenmuseum in Nieuw-West is belangrijk voor onze kijk op architectuur.
    • De bebouwde omgeving moet letterlijk beschermd worden. We willen middelen vrij maken om het naleven van de welstandseisen en het toezicht op de bouw te verbeteren.

    Alle kinderen lid van de bibliotheek

    We hebben in Amsterdam de mooiste en modernste bibliotheken van het land. De helft van alle Amsterdammers maakt gebruik van de OBA, en 21% van alle Amsterdammers is lid. Een fantastische tegendraadse ontwikkeling is dat de OBA steeds meer buurtbibliotheken opent. We willen dat de bieb een belangrijke rol speelt als sociaal middelpunt in de wijk. Voor Amsterdammers die het niet al te breed hebben, moet de bibliotheek gratis zijn, ook bijvoorbeeld het gebruik van internet in de bieb. Zo kan de bibliotheek eenzaamheid helpen bestrijden.

    • Alle kinderen moeten ongelimiteerd toegang hebben tot boeken en literatuur. Schoolklassen bezoeken regelmatig de OBA. Er komen meer Junior Hotspots (lokale kleine vestigingen van de OBA dichtbij nieuwe scholen, met name in achterstandswijken).
    • In de bibliotheek moet meer aandacht komen voor digitale vaardigheden en nieuwe technologische toepassingen, in het bijzonder voor ouderen.
    • De OBA krijgt ondersteuning om een actief platform voor samenleven in de wijken te zijn. Laaggeletterdheid wordt er bestreden. Op een veilige plek kan geleerd worden. Er is ruimte voor debat en dialoog. De verbinding met het onderwijs, maatschappelijke en culturele organisaties in de hele stad is van groot belang.
    • Maar liefst 16% van alle Amsterdammers is laaggeletterd en dat is een groot probleem. Met het NL Plein en het programma Leef en Leer! levert de OBA belangrijke bijdragen aan taalverwerving. De gemeente gaat de OBA daarbij meer ondersteunen.
    • Het aantal vestigingen van de OBA moet gelijke tred houden met de groei van de stad en de ontwikkeling van bestaande buurten.

    9. Veilig jezelf kunnen zijn in Amsterdam

    Veiligheid is een basisbehoefte van ons allemaal. Tolerantie kenmerkt Amsterdam al sinds haar ontstaan, het geeft ons onze vrijheid en onze veelkleurigheid. Als iedereen in de stad zich veilig voelt kan iedereen volledig zichzelf zijn. Dan voelen we ons allemaal thuis. Thuis in Amsterdam. Daarom nemen we de maatregelen die nodig zijn om ervoor te zorgen dat iedereen hier veilig kan wonen, werken en leven en bestrijden we elke vorm van discriminatie, uitsluiting of intolerantie. Buurtbewoners en buurtondernemers zijn vaak goed op de hoogte van de veiligheid in de wijk en weten wat nodig is om de buurt veiliger te maken. Daarom willen we dat buurtbewoners, ondernemers, politie, welzijnswerk, scholen en gemeente nauw samenwerken om per wijk de veiligheidsprioriteiten te bepalen.

    Veilig wonen in je wijk

    We beginnen met het goede nieuws. Amsterdamse buurten zijn veel veiliger dan pakweg dertig jaar geleden. Toch zien veel Amsterdammers waar het veiliger moet en kan. Een njet van gemeente, politie of woningcorporatie is dan frustrerend. Om iedereen in Amsterdam veilig zichzelf te laten zijn, gaan we deze attitude veranderen.

    • Bewoners en ondernemers krijgen meer te zeggen over de veiligheid in hun eigen buurt. Ze bepalen in overleg met gemeente, politie en woningcorporaties welke veiligheidsmaatregelen er prioriteit hebben en bepalen zo mede de inzet van politie en handhavingsdiensten. Elke buurt krijgt een eigen aanpak, al naar gelang de aard van de problemen, van inbraakpreventie tot betere straatverlichting. In het kader van beter goed gejat dan slecht bedacht nemen we deze methode over van burgemeester Aboutaleb van, eh, Rotterdam.
    • Jongeren leiden we op tot buurthandhavers. Ze krijgen een rol bij het tegengaan van overlast en het vergroten van de leefbaarheid in hun eigen wijk. Ze werken nauw samen met de wijkagent en andere handhavers en worden zo een voorbeeld voor andere jongeren in de buurt.
    • Met huftergedrag en intimidatie door buren en buurtbewoners hebben we geen geduld in Amsterdam. De treiteraanpak zetten we hardnekkig door. Veroorzakers van overlast zetten we desnoods uit hun huis. We zijn al helemaal streng als LHBTI’s, gelovigen en biculturele Amsterdammers vanwege hun identiteit worden geïntimideerd. We trainen de hulpdiensten en handhavers om deze groepen zich beter begrepen te laten voelen.
    • Huiselijk geweld en kindermisbruik maken veel slachtoffers in Amsterdam. Vaak is sprake van veel meer problemen thuis. Het is daarom belangrijk dat verschillende hulpverleners goed samenwerken. De wachtlijsten in de aanpak van kindermishandeling en huiselijk geweld zijn ons een doorn in het oog. De aanpak Veilig Thuis verdient vast gekwalificeerd personeel: de beste mensen worden aangenomen om de veiligheid van onze kinderen, vrouwen, ouderen en andere kwetsbare groepen te verbeteren. Alle betrokken organisaties kunnen goed overweg met de culturele diversiteit in de stad.

    De hulpdiensten zijn er voor iedereen

    De politie, brandweer en andere hulpdiensten werken dagelijks in de frontlinie van onze stad. We tolereren niet dat onverlaten ze voor de voeten loopt. Tegelijkertijd verlangen we van onze beschermers dat ze zich blijven aanpassen aan de veranderende samenleving. Om de steun te kunnen blijven genieten van alle Amsterdammers weerspiegelen de diensten het veelkleurige karakter van onze stad.

    • De hulpdiensten zijn van alle Amsterdammers en voor alle Amsterdammers. De organisaties dragen dat actief uit en zuiveren hun interne cultuur van uitsluitingsmechanismen en onbewuste discriminatie.
    • Etnisch profileren gebeurt. Het is fnuikend voor het aanzien van de politie bij grote groepen in de stad. Meer bewustwording en de inzet van innovatieve instrumenten moeten bijdragen aan het stoppen van (onbewust) etnisch profileren.
    • De Amsterdamse politie verdient het grootste talent dat in Amsterdam rondloopt. We investeren daarom in het imago van de politie als interessante werkgever.
    • Het Amsterdamse politiekorps heeft dringend versterking nodig. De toegenomen drukte van de laatste jaren is met geen andere stad in Nederland te vergelijken. Daarom gaan we de deur platlopen bij de landelijke politiek voor meer mankracht en minder bureaucratie.
    • Agenten moeten er niet alleen zijn om topcriminelen te pakken. Van diefstal en discriminatie hebben veel Amsterdammers last. Die aangiftes mogen niet blijven liggen vanwege personeelsgebrek. Nieuwe vormen van criminaliteit zoals cybercrime vragen om het aantrekken van nieuw talent bij de politie.
    • De politie moet goed bereikbaar zijn. Alle Amsterdammers moeten hun wijkagent kunnen appen met vragen of opmerkingen. In iedere buurt moet een politiesteunpunt zijn waar mensen terecht kunnen voor advies of aangifte.
    • Omdat voorkomen beter is dan genezen krijgt de brandweer meer armslag om de veiligheid van panden te controleren. Te beginnen met kwetsbare gebouwen zoals zorginstellingen, studentenhuizen, winkelpanden, evenementenlocaties en chemische installaties.
    • Hulpdiensten moeten levens kunnen redden zonder over hun schouder te moeten kijken of ze niet belaagd worden. We gaan ze beter beveiligen bij de uitvoering van hun werk.

    Drugs

    Amsterdam hanteert al jaren een nuchter drugsbeleid. We bestrijden echte drugscriminaliteit en bevorderen de gezondheid. Zonder meteen iedereen te criminaliseren maken we ons wel zorgen over harddrugsgebruik onder jongeren.

    • Alle jongeren in Amsterdam maken we weerbaar tegen de verlokkingen van drugs via voorlichting op school en sportverenigingen. We zorgen dat er meer gespecialiseerde politieagenten bij komen.
    • Helaas is Amsterdam ook populair bij internationale drugshandelaars, witwassers, vrouwenhandelaren en andere criminelen. We steunen politie en justitie voor de volle 100% bij hun werk en blijven ons inzetten voor meer experts en samenwerking met andere veiligheidsdiensten. Ook willen we de politie in staat stellen om slim gebruik te maken van nieuwe technologieën om de opsporing te verbeteren.
    • We pakken de (straat-) verkoop van drugs, nepdrugs en schadelijke stoffen als lachgas aan. Die handel zorgt voor veel overlast en onveiligheid.

    Prostitutiebeleid en mensenhandel

    De valse romantiek van de Wallen is zo langzamerhand wel doorgeprikt. Vrouwenhandel, gedwongen prostitutie en uitbuiting zijn onacceptabel in Amsterdam. Ook seksuele intimidatie heeft geen pas in onze stad.

    • We moeten kinderen beschermen tegen seksuele chantage - die soms zelfs tot zelfdoding kan leiden. Verontrustende signalen moeten in een vroeger stadium worden opgevangen door ouders, de huisarts, de school of de sportclub.
    • Gesis naar vrouwen, uitschelden van LHBTI’s en andere vormen van seksuele intimidatie en ongepast gedrag op straat worden verboden via de APV.
    • In risicogebieden als de Wallen blijven we extra alert en grijpen we op onorthodoxe manier in om de misdaad te weren. Verdachte investeerders, vaak witwassers, volgen we op de voet. We halen alles uit de kast aan procedures om te voorkomen dat er verdachte vastgoedtransacties plaatsvinden.
    • Slachtoffers van mensenhandel en arbeidsuitbuiting helpen we om een nieuw en veilig bestaan op te bouwen. Onze aanpak uit het verleden werkt en zullen we blijven verbeteren. Wij zijn voorstander van initiatieven als My Red Light (project Eigen Raam).

    Misdaad mag niet lonen

    Amsterdam is al jaren een lichtend voorbeeld in de aanpak van criminaliteit. Die aanpak willen we vasthouden en uitbreiden.

    • De Top 600-aanpak van oud-burgemeester Van der Laan combineert het straffen van criminelen met het bieden van nieuw perspectief via scholing, psychiatrische zorg, gezinsondersteuning en werk. Dat is briljant en we gaan er daarom enthousiast mee door. We breiden de aanpak uit met herstelrecht, waarbij de relatie met het slachtoffer hersteld kan worden.
    • De gemeente moet scherp kijken naar vergunningaanvragen, om witwassen te voorkomen en illegale geldstromen op te sporen. We willen de wettelijke mogelijkheden zoals Bibob optimaal benutten en investeren daarom in voldoende experts. Niet alleen bij de vergunningsaanvraag, maar ook daarna via handhaving en preventieve opsporing.
    • Samen met politie en OM willen we de drempel verlagen voor slachtoffers om aangifte te doen. Onveiligheid doet zich steeds vaker ook online voor. Het vraagt om kennis en waakzaamheid bij Amsterdammers, om de weerbaarheid tegen cybercrime te vergroten. Samenwerking tussen gemeente, politie, openbaar ministerie en ook bedrijven is nodig.

    Regels zijn er niet voor niks en gelden voor iedereen

    Handhavers worden dag in dag uit voor van alles uitgemaakt. Wij hebben groot respect voor ze - onze drukke stad heeft nu eenmaal veel spelregels nodig. Oliedom van het college van D66, VVD en SP dat ze bezuinigt op handhaving. Dat draaien we volledig terug en we doen meer.

      ● Onderdeel van ons banenplan is het aantrekken van extra handhavers, naast bijvoorbeeld buurtconciërges die ook de boel in de gaten houden.
    • Handhaving werkt beter als je met een dreamteam op stap gaat. Daarom gaan gemeente, politie, brandweer, bouw- en woningtoezicht, GGD en SZW-inspecteurs vaker samen op pad. Buurten krijgen eigen handhavers, die in de haarvaten van de samenleving zitten en meer doen dan vermanen en bekeuren.
    • Amsterdammers zijn vaak slecht op de hoogte van de regels. Samen met experts, bewoners en ondernemers gaan we ervoor zorgen dat de regels duidelijker worden voor iedereen.
    • Als het op veiligheid aankomt is de PvdA liever praktisch dan dogmatisch. Instrumenten die bijdragen aan een betere naleving van de regels, zoals cameratoezicht en mobiele politieposten, zetten we in waar en wanneer het nodig is. Ondernemers kunnen helpen, bijvoorbeeld door stewards in te zetten op drukke uitgaanspleinen en te zorgen voor een schone en veilige straat.
    • Onze winkeliers zijn het bindmiddel van de Amsterdamse buurten. We staan pal voor de veiligheid van onze winkeliers en blijven zoeken naar effectieve en nieuwe manieren om overvallen tegen te gaan.
    • Portiers, winkelbeveiligers en andere particuliere beveiligers moeten beter samenwerken met de politie. Ze moeten zich wel strikt houden aan hun beperkte bevoegdheden. Discriminerend gedrag, zoals bijvoorbeeld bij horecafaciliteiten in de stad, is uit den boze. Deurbeleid en mystery guests kunnen hier soelaas bieden. Intrekking van de exploitatievergunning beschouwen we als een ultieme remedie.
    • We voeren naming and faming in tegen discriminatie. Naar Haags voorbeeld komt er een keurmerk waarmee bedrijven en horeca hun goede gedrag bekend maken aan het publiek.

    Radicalisering pakken we bij de kern aan

    Radicalisering is zo bedreigend dat we het ons niet kunnen veroorloven op eieren te lopen. We noemen het beestje bij de naam en deinzen niet terug voor keiharde repressie als personen ontsporen. Toch geloven we in preventie, door het vergroten van het vertrouwen in de rechtsstaat. Om dit betrekkelijk nieuwe fenomeen goed te doorgronden, laten we ons goed informeren door professionals, wetenschappers en sleutelfiguren met een netwerk in de buurt.

    • We blijven op zoek naar een effectieve manieren om radicalisering te voorkomen. Daarom volgen we de nieuwste inzichten over de-radicalisering op de voet.
    • Radicalisering bij de kern aanpakken betekent ook dat we ervoor moeten zorgen dat de jongeren in onze stad het gevoel hebben erbij te horen. We gaan discriminatie en uitsluiting daarom actief tegen en zorgen ervoor dat jongeren zich loyaal voelen aan de stad en haar bewoners (zie ook het hoofdstuk Samen thuis in Amsterdam)
    • Vrijheid van meningsuiting en geloofsvrijheid zijn voor ons heilig. We zijn daarom uiterst terughoudend met inperkingen daarvan. Mensen met opvattingen, hoe abject ook, bestrijden weliever met argumenten op een podium in een debatcentrum dan met aanklachten in de verhoorkamer van het politiebureau. In extreme gevallen kan het nodig zijn, zoals bij haatpredikers.
    • Mensen die radicaliseren steken vaak hun naaste omgeving aan. Dat bestrijden we door meer mensen in te zetten bij het Preventief Interventie Team van de Top600-aanpak.

    10. De gezondste stad van Nederland

    ‘Ik wens u niet alleen meer jaren in uw leven, maar ook meer leven in uw jaren toe’. Met deze beroemde uitspraak opende Willem Drees ooit het Willem Dreeshuis in Oost. We willen allemaal gezond oud worden en zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen wonen. Maar alleen heel oud worden is niet genoeg. Het is fijn om 90 te worden, maar lukt het ook om gelukkig 90 jaar te worden? De levensverwachting van Amsterdammers neemt toe, maar de geluksbeleving van de Amsterdammer neemt af. De groei van de stad zet het welzijnsniveau onder druk. Juist nu is het goed meer aandacht te besteden aan extra ondersteuning bij het langer zelfstandig thuis wonen: meer buurtrestaurants en maaltijden die thuis worden bezorgd, meer laagdrempelige dagbesteding in de wijk, meer ondersteuning voor mantelzorgers, meer aandacht voor vrijwilligers, en ruimtes in de buurt waar buren samen activiteiten kunnen organiseren. Op dit moment zijn teveel Amsterdammers ernstig eenzaam. Ook dit probleem geven we prioriteit. Het meest waardevolle bezit van ieder mens is z’n gezondheid. Maar ook dit goed is oneerlijk verdeeld. Ook in onze stad leven lage inkomens tot zeven jaar korter dan hoge inkomens en 15 jaar minder in gezondheid.

    Amsterdammers horen elkaar te ontmoeten

    Op dit moment voelen 85.000 mensen zich ernstig eenzaam, en die groep groeit. Omdat wij dit niet kunnen aanzien, heeft de PvdA de afgelopen jaren de Amsterdamse aanpak eenzaamheid bedacht. Wijk voor wijk maken we plannen om eenzaamheid de stad uit krijgen, mensen gelukkiger te maken en daardoor meer mee te doen aan cultuur en (vrijwilligers-) werk. Het tegengaan van eenzaamheid wordt de komende periode onze prioriteit.

    • We zetten de Amsterdamse aanpak tegen eenzaamheid voort en breiden deze uit. Daarbij richten we ons op verschillende groepen eenzame mensen in de stad zoals ouderen, migranten, LHBTI’ers, mensen met een psychiatrische aandoening, (licht)verstandelijke beperking, mantelzorgers, daklozen, gescheiden mensen en jongeren.
    • Amsterdammers die zelf initiatieven tegen eenzaamheid nemen, kunnen rekenen op onze volle steun. Het experimentenprogramma in de Aanpak eenzaamheid krijgt een vervolg en succesvolle projecten kunnen zich verder ontwikkelen. Leegstaande gemeentepanden worden ter beschikking gesteld voor dit soort buurtinitiatieven.
    • We investeren meer geld in preventie en het welzijn in de stad. We doen een beroep op de zorgverzekeraars om meer investeren in zorgpreventie, en we willen meer met hen samenwerken. Elke buurt krijgt een steunpunt voor informele zorg.
    • Om eenzaamheid in een vroeg stadium te signaleren, werken we samen met huisartsen en wijkverpleegkundigen. Het succesvolle programma ‘Welzijn op recept’, waarbij welzijnscoaches worden ingezet, gaat in de hele stad draaien. Tijdens alle keukentafelgesprekken staat eenzaamheid op de agenda.
    • We passen de openbare ruimte zo aan dat Amsterdammers elkaar makkelijker kunnen ontmoeten. Zo bouwen we meer woonhofjes, komen er meer bankjes in parken en creëren we meer ontmoetingsplekken in buurtkamers.

    Langer thuis wonen dankzij goede zorg

    Alle ouderen en (chronisch) zieken hebben recht op de zorg die ze nodig hebben. En wel van het allerhoogste niveau. Iedereen die een dagje ouder wordt, wil zo lang mogelijk thuis wonen. Daarvoor hebben we top-verpleegkundigen nodig - een prachtig beroep, maar we moeten het aantrekkelijker maken. Tegelijkertijd willen we dat er in Amsterdam genoeg verpleeghuizen zijn. De zorg daar heeft een sterke investering nodig.

    • Goede thuiszorg bieden we aan iedere Amsterdammer die het nodig heeft. Cliënten hebben zoveel mogelijk hun eigen, vaste thuiszorgmedewerker.
    • We verminderen de marktwerking in de zorg. We contracteren aanbieders met de beste zorg, niet met de laagste prijs. Daarom gaan we voor lange tijd in zee met zorgaanbieders en maken we de zorg samen steeds beter. We gaan verkennen of Amsterdam een gemeentelijk thuiszorgbedrijf kan oprichten.
    • Onnodige regels en bureaucratie in de zorg moeten zoveel mogelijk worden geschrapt. Zowel de eigen bijdrage voor Wmo-zorg blijft op het huidige lage tarief, ook voor de lagere middeninkomens. Eigen bijdragen mogen niet leiden tot het mijden van zorg. zorgmedewerkers als cliënten ervaren nu te veel regels. We willen dat professionals meer kunnen werken op basis van vertrouwen bij het indelen van hun werktijd.
    • Het tekort aan wijkverpleegkundigen moet worden opgelost. Amsterdam gaat niet over de salarissen, maar gaat bij de zorgaanbieders en het Rijk tot vervelens toe aandringen op betere arbeidsvoorwaarden. Studenten verpleegkunde krijgen betaalbare woningen met campuscontracten, met vijf jaar woongarantie na afronding van de opleiding.
    • We vergroten het aantal woonvormen voor eerste generatie oudere migranten en het aanbod van dagbesteding, zodat deze mensen van hun oude dag kunnen genieten met aandacht voor hun taal en cultuur.
    • Amsterdam moet een stad zijn die vriendelijk is voor ouderen. Het programma Ouderenvriendelijke Stad (Age Friendly City) zetten we door. We besteden zorg aan buurtwinkels, bus- en tramhaltes voor de deur en een seniorvriendelijke inrichting van de straat.
    • We gaan meer ouderen- en zorgwoningen bouwen, zowel in nieuwbouwprojecten als in bestaande buurten. We willen meer bestaande woningen aanpassen door liften te plaatsen en drempelvrij te maken. Trapliften worden ook op de tweede en derde etage aangelegd. Aangepaste woningen, woningen met lift en woningen op de begane grond reserveren we blijvend als ouderenwoning (de ‘zilveren voorraad’).
    • Amsterdamse zorgwoningen worden voortaan niet meer toegewezen via de Woningwet maar via het Wmo-loket. Eenmaal vrijgekomen blijven ze gereserveerd voor een nieuwe woningzoekende met een zorgbehoefte. Klantgerichtheid is de norm.

    Geestelijke gezondheidszorg in de wijk

    Amsterdammers met een geestelijke beperking doen zoveel mogelijk mee aan de samenleving. We worden steeds ouder en daarom wordt dementie een alledaags verschijnsel. Tegelijkertijd zien we steeds meer verwarde mensen. Amsterdam dient liefdevol om te gaan met deze groepen. Buurtbewoners, wijkagenten en andere in de buurt actieve professionals gaan we meer vertrouwd met hen maken door training en bewustwording. Mensen met een psychiatrische aandoening en een verstandelijke beperking bieden we de kans om een zelfstandig leven op te bouwen in een eigen huis.

      ● Amsterdam wordt een dementievriendelijke stad en gaat meer doen aan preventie (bewegen, bestrijding van eenzaamheid) en voorlichting. We investeren in betere gezondheidszorg en gespecialiseerde woonvoorzieningen. We worden alerter op het herkennen van en beter omgaan met dementie - in het bijzonder onder (eerste generatie) migranten, voor wie dementie nog vaak een taboe is.
    • Verspreid over de hele stad bouwen we meer woningen voor beschermd wonen. We willen meer groeps- en 24-uurs woningen in de stad. Wijkzorgteams worden attenter op het geestelijk welzijn.
    • We besteden meer aandacht aan licht-verstandelijke beperkingen of aandoeningen in het autistisch spectrum. Mensen met een psychiatrische aandoening zoals schizofrenie of psychose krijgen ondersteuning op maat, zodat ze zo volledig mogelijk kunnen meedoen aan de samenleving.
    • Ruim 1 op de 5 jongeren heeft op jonge leeftijd al eens ernstige psychische klachten gehad. Zelfdoding is doodsoorzaak nummer 1 in de leeftijdscategorie 20-25 jaar. Dit is te triest voor woorden. Er moet een preventieve aanpak komen tegen depressie, onder meer door vroegsignalering op scholen.

    Een inclusieve stad voor mensen met een beperking

    Hoe mooi Amsterdam ook is, makkelijk is het er niet voor mensen met een beperking. Veel stoepen zijn onbegaanbaar door overdwars gestalde fietsen of andere obstakels. Het openbaar vervoer is lang niet altijd toegankelijk voor mensen in een rolstoel. Sinds 2016 is het VN Verdrag inzake mensen met een beperking van kracht. Tijd om grote stappen te zetten naar een inclusief Amsterdam, waar niemand zich beperkt hoeft te voelen.

    • Amsterdam moet toegankelijker worden voor mensen met een beperking. Ze moeten zich vrij door de stad kunnen bewegen, in het openbaar vervoer, op stoepen en fietspaden. Ook in het uitgaansleven en bij evenementen is meer aandacht voor toegankelijkheid nodig.
    • Alle publieke gebouwen, cultuurhuizen en musea worden optimaal toegankelijk: de gemeente gaat het goede voorbeeld geven. We vragen alle organisaties en ondernemers in de stad dit te volgen.
    • De dienstverlening bij het verkrijgen en onderhouden van rolstoelen, scootmobielen, rollators, Canta’s en andere vervoersvoorzieningen vanuit de Wmo moet verbeteren.
    • De gemeentelijke website en de dienstverlening aan de loketten wordt beter toegankelijk voor blinden, slechtzienden en doven. Laaggeletterden en Amsterdammers met een verstandelijke beperking krijgen meer persoonlijke hulp bij het invullen van formulieren.

    Iedereen een dak boven zijn hoofd

    Dakloosheid komt helaas weer vaker voor in Amsterdam. Tijdens de financiële crisis zijn veel mensen hun huis kwijtgeraakt. Geen Amsterdammer hoeft op straat te slapen. De komende jaren willen we dak- en thuislozen versneld begeleiden naar een eigen woning.

    • We helpen dak- en thuislozen sneller hun leven weer op te pakken. In de inloophuizen krijgen daklozen behalve warmte, koffie en een maaltijd ook begeleiding en (geestelijke) gezondheidszorg. Drugs- en alcoholverslaafden krijgen in de opvangvoorzieningen hulp aangeboden. Alle dak- en thuislozen krijgen cliëntondersteuning aangeboden.
    • Er moeten genoeg plaatsen zijn in de nachtopvang voor daklozen. Zo komen er meerpassantenhotels voor daklozen die zelfstandig kunnen wonen en klaar zijn voor een eigen huis. Daarom moeten er ook snel meer doorstroomwoningen komen om daklozen hun leven weer te laten oppakken.
    • De gemeente moet huisuitzettingen zoveel mogelijk voorkomen, samen met de woningcorporaties en de schuldhulpverlening. Huisuitzettingen van gezinnen met kinderen worden gestaakt. Geen kind leeft in Amsterdam op straat. Er komt een coördinator die zorgt voor snelle hulp voor gezinnen die desondanks op straat komen te staan.
    • Tijdens de koude wintermaanden wordt de winteropvang voor daklozen permanent opengesteld.
    • Veel daklozen in Amsterdam zijn afkomstig uit het buitenland, vooral uit Oost-Europa. Er komt speciale aandacht voor deze groepen.

    Mantelzorg, vrijwilligerswerk en buurtinitiatieven

    Met veel liefde en aandacht verzorgen mantelzorgers dagelijks duizenden chronisch zieke Amsterdammers. Zij verdienen alle waardering, erkenning en de best mogelijke ondersteuning. We willen voorkomen dat mantelzorgers opgebrand raken door de zorg die ze dagelijks bieden. Vrijwilligers (in alle verscheidenheid) zijn enorm belangrijk. We gaan meer investeren in het vinden en koppelen van vrijwilligers.

    • We versterken de ondersteuning van mantelzorgers door de mogelijkheden van vervangende mantelzorg (respijtzorg) te vergroten. Daarbij luisteren we naar de wensen van de mantelzorger. Cliënt en mantelzorger krijgen een gelijkwaardige positie en evenveel aandacht in het zogenaamde keukentafelgesprek.
    • In de afgelopen jaren zijn in verschillende buurten stadsdorpen ontstaan, waarin ouderen onderling naar elkaar omkijken en ervoor zorgen dat zij lang actief, gezond en veilig thuis kunnen (blijven) wonen. Inmiddels zijn er meer dan 25 stadsdorpen in Amsterdam. We willen nieuwe initiatieven ondersteunen bij het opstarten van een stadsdorp.
    • We gaan het leven van vrijwilligers- en welzijnsorganisaties aanzienlijk makkelijker maken. We willen minder regeldruk en meer vertrouwen in de verantwoording van subsidies. We willen meer ruimte voor stedelijk werkende vrijwilligersorganisaties. Samenwerking tussen vrijwilligersorganisaties stimuleren we. We willen de regels om vrijwilligerswerk te verrichten naast de uitkering versoepelen.
    • Cliëntenorganisaties worden intensief betrokken bij maken en uitvoeren van beleid. Dit geldt voor zowel voor stedelijk werkende cliëntenorganisaties als voor stadsdeelgerichte organisaties.

    De beste zorg voor onze kinderen

    Vijfhonderd Amsterdamse kinderen staan op de wachtlijst voor jeugdzorg - dat zijn er vijfhonderd te veel. Maanden wachten op goede hulp verergert de problemen bij het kind. Daarom moeten de wachtlijsten in de jeugdzorg verdwijnen.

    • We houden kleine problemen klein door grote aandacht voor preventieve jeugdzorg. Met betere samenwerking tussen scholen, huisartsen, sportclubs en andere organisaties die met kinderen werken kunnen opvoed- en ontwikkelproblemen sneller worden gesignaleerd.
    • Buurtactiviteiten en jongerenwerk zijn heel belangrijk. Er zijn nog te veel buurten waar weinig te beleven valt voor jongeren. Jongerenwerk wordt vaker gekoppeld aan cultuur, dans, en sport.
    • De SamenDOEN teams blijven onderdeel van de gemeentelijke organisatie. We willen de aanpak van multiprobleemgezinnen verbeteren en zorgen dat er eerder kan worden ingegrepen om een kind te helpen. Jeugdzorg kopen we in bij organisaties die verschillende problemen in samenhang met elkaar kunnen oplossen.
    • Huiselijk geweld is een stille tragedie die zich achter te veel Amsterdamse huisdeuren afspeelt. We moeten tekenen van mishandeling in een vroegtijdig stadium signaleren. Er komen meer mogelijkheden om vroeg in te grijpen. We investeren in hoogopgeleid personeel binnen Veilig Thuis.
    • Het eindpunt van jeugd- en pleegzorg, de 18e verjaardag, is te rigide. Er komt een geleidelijker overgang voor jongeren en jongvolwassenen die dat nodig hebben. Om dit te begeleiden komen er speciale wijkteams.

    Sport voor iedereen

    Sporten is gezond en gelukkig sporten de meeste Amsterdammers regelmatig. De PvdA wil het succesvolle sportbeleid van de afgelopen jaren voortzetten. We gaan de drempels voor sport verder verlagen. Dit begint bij onze kinderen. Zij moeten kunnen sporten, ongeacht de het inkomen van hun ouders. Gelukkig is het aantal kinderen met overgewicht afgenomen, maar aandacht blijft nodig. Ook onder ouderen willen we de sportdeelname vergroten.

    • De Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht tegen kinderobesitas wordt voortgezet en uitgebreid. Het Jeugdsportfonds en Jump-in zorgen ervoor dat alle Amsterdamse kinderen kunnen sporten.
    • Iedere Amsterdamse basisschool krijgt een eigen gymleraar. Er komen meer moderne gymzalen bij scholen. Nieuwe schoolgebouwen komen op of nabij sportparken zodat er meer (basis-) scholen met een sportprofiel komen.
    • 100% van de Amsterdamse kinderen moet kunnen zwemmen. Dat is nu nog niet het geval; met name in Zuidoost zijn er veel kinderen zonder zwemdiploma. De wachtlijsten voor zwemles worden opgelost door betere benutting van de bestaande zwembaden en mogelijk de bouw van nieuwe zwembaden.
    • Recreatiegebieden en parken kunnen nog beter worden benut voor sporten en bewegen. Daarom komen op meer plaatsen fitnesstoestellen in de buitenlucht evenals parcoursen voor hardlopers. Het moet veiliger worden om te zwemmen in recreatiegebieden.65
    • Amsterdammers moeten om de hoek kunnen sporten. Bij de bouw van nieuwe woonwijken worden voldoende nieuwe sportaccommodaties aangelegd. In bestaande buurten komt plaats voor sportveldjes, bijvoorbeeld voor 3x3 basketbal en skaten. Bestaande sportvelden worden beter benut.
    • We nemen geen enkel risico met ziekmakend rubbergranulaat. Kunstgrasvelden met deze troep vervangen we zo nodig door gras of verantwoord kunstgras.
    • Amsterdam is gezegend met prachtige sportverenigingen. Zwakke sportverenigingen krijgen hulp van professionele verenigingscoaches bij het aantrekken van meer vrijwilligers, het innen van contributie en het aantrekken van goede trainers. Betrokken sportverenigingen die aandacht geven aan het tegengaan van bijvoorbeeld segregatie of kinderobesitas krijgen extra geld.
    • Veel topsporters in Olympische sporten kunnen moeilijk rondkomen. Talentvolle Amsterdamse topsporters krijgen een Amsterdamse topsportbeurs en worden betrokken bij de ontwikkeling van sporttalent. Amsterdam gaat opnieuw proberen internationale topsportevenementen binnen te halen.

    11. Open Stadsbestuur, degelijke financiën

    Wie krijgt wat, wanneer en hoe? Uiteindelijk gaat politiek óók om de vraag waar we ons gemeenschapsgeld aan uitgeven. We willen een sterke en barmhartige overheid, die ervoor zorgt dat de welvaart in onze stad voor iedereen toeneemt, en ieder kind gelijke kansen krijgt. We helpen de zwaksten in de samenleving en we geven tegengas tegen schreeuwerds met de dikste portemonnee die het vooral voor zichzelf willen regelen. We gaan de strijd aan met het efficiency-denken: het mag niet alleen maar om rendement en geld draaien. Geld is een middel en geen doel! Amsterdam is uit een diepe crisis gekomen. Veel Amsterdammers hebben de pijn gevoeld, en voelen die nog steeds doordat ze geen baan meer hebben of minder te besteden hebben. Juist in tijden waarin het goed gaat, moet je investeren. We willen de komende jaren de stad nog mooier maken: door te investeren in wijkaanpak, onderwijs, 120.000 extra woningen, verduurzamen van bestaande woningen en 10.000 extra banen.

    Democratie in de buurt

    De PvdA wil dat bewoners zeggenschap hebben over hun stad en hun eigen buurt. Luisteren naar de mening van Amsterdammers moet de basis zijn van elke politieke keuze. We blijven de komende jaren radicaal kiezen voor het versterken van de directe democratie. En we willen een einde aan het kan niet/mag niet denken.

    • Participatie van buurtbewoners wordt versterkt. Het adagium is: bewoners niet gehoord = niet besluiten. Alle gebieden krijgen buurtbudgetten, waarbij bewoners zelf mogen bepalen waar ze het geld aan uitgeven. We willen naar voorbeeld van New York en Parijs stedelijk buurtbudgetten met stemmingen over de besteding van het geld organiseren. Jongeren vanaf 16 jaar krijgen daarbij stemrecht.
    • De directe zeggenschap op de eigen straat en buurt wordt vergroot. We willen minder ‘kan niet en mag niet’. De mogelijkheden om zelf tuinen, plantsoenen, parken en speeltuinen te beheren wordt vergroot. Maatschappelijke ruimtes in de wijk worden vaker in zelfbeheer gegeven van bewoners. Er komt een ‘buurtwet’ waarin de rechten van bewoners en de faciliterende rol van de gemeente worden vastgelegd.
    • Bewoners krijgen optimaal invloed op de gebiedsagenda’s en gebiedsplannen. De uitkomsten van bewonersinitiatieven zoals de burgertop/G1000 worden zoveel gebruikt bij maken van beleid, en de gemeente gaat verantwoorden welke suggesties wel/niet zijn opgevolgd, en waarom.
    • We willen dat de stadsdelen hun democratisch gekozen volksvertegenwoordigers en bestuurders terug krijgen, met bijhorende zeggenschap, taken, bevoegdheden en middelen.

    Amsterdam, verantwoordelijke hoofdstad

    Amsterdam heeft als hoofdstad een voorbeeldfunctie. We hebben in onze grote stad gewoon veel nieuwe initiatieven en progressieve ideeën. We willen graag dat de rest van Nederland meeprofiteert van het succes van Amsterdam, bijvoorbeeld door kennis te delen met andere gemeenten. En wij kunnen bij zo’n uitwisseling ongetwijfeld ook leren van de andere gemeenten. We willen daarbij ook het voorbeeld geven in de politiek: als we willen dat we elkaar ontmoeten in deze stad, moet de politieke cultuur ook veranderen door minder de nadruk te leggen op debat, en meer op dialoog.

    • We willen dat de metropool Amsterdam wordt versterkt. Door meer samenwerking tussen gemeenten en door betere infrastructurele verbindingen. We willen een gedeeld regionaal woonbeleid voeren samen met steden als Almere, Zaanstad, Haarlem, Gooise Meren en Purmerend.
    • De samenwerking tussen Amsterdam en omliggende gemeentes op gebieden als jeugdzorg, zorg, veiligheid en wonen willen we verder versterken. Te vaak vinden gemeenten zelf opnieuw het wiel uit. We willen ambtelijke capaciteit meer in gezamenlijkheid organiseren.
    • We willen dat Amsterdam meer kennis gaat delen met delen van Nederland waar het minder goed gaat, zoals krimpgemeenten en gebieden met hoge werkeloosheid. Wonen, zorg en onderwijs zijn te belangrijk om het aan de markt of geheel zelfstandig opererende stichtingen over te laten.

    Degelijke financiën, maar niet alles draait om rendement

    In financieel opzicht gaat het goed met Amsterdam. We hebben de crisisjaren achter ons gelaten. We kunnen weer vooruitkijken, en het wordt dan ook tijd te investeren in de stad. Juist in tijden dat het financieel goed gaat, willen we verstandige keuzes maken om de stad verder te verbeteren. De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. En wie (veel) geld verdient aan de stad, gaat meer afdragen.

    • We staan voor een degelijke financiële huishouding, met heldere spelregels. Structurele lasten worden structureel gedekt, en niet met incidentele middelen. De planning & control cyclus moet verder op orde worden gebracht. We blijven werken aan het leesbaar maken van de begroting en andere financiële stukken. De begroting en jaarrekening moeten volledig transparant en inzichtelijk zijn voor alle Amsterdammers.
    • Weg met het schuldenfetisjisme! Onze financiën moeten gezond zijn, maar we moeten niet onnodig geld oppotten terwijl er grote noden zijn in de stad. Investeringen zijn noodzakelijk, zeker voor maatregelen waar we op korte termijn effect willen zien, zoals het verduurzamen van de woningvoorraad. We gaan geld niet onnodig lang op de bank zetten in reserves, maar liever het geld laten werken voor de stad.
    • De afgelopen jaren wordt steeds vaker gerekend met de opbrengst die de stad ‘misloopt’ door het doen van maatschappelijke investeringen. We gaan dwars in tegen dit ‘opportunity costs’-denken: het draait niet alleen om financiële rendementen. Maatschappelijke rendementen moeten voorop staan. We kiezen bijvoorbeeld liever bewust voor het soort woningen dat we willen bouwen dan alleen maar te bouwen wat het meeste opbrengt. Dat is sociaal en hard nodig ook.
    • We gaan bij de gronduitgifte optimaal sturen op onze woondoelen. Niet de hoogste bieder, maar de meest sociale en duurzame investeerders krijgen de beste grond. In erfpachtcontracten wordt juridisch optimaal gebruik gemaakt van de mogelijkheid om de gestelde woonfuncties te bewaken.
    • Het geld dat de grond opbrengt wordt geïnvesteerd in het bouwrijp maken van nieuwe grond, zodat voldoende betaalbare woningen gebouwd kunnen worden in de stad. Dat geldt ook voor de grondopbrengsten van de Zuidas! Het hek om het vereveningsfonds van de Zuidas, waardoor grondopbrengsten daar alleen op de zuidas kunnen worden geïnvesteerd, verdwijnt zo snel mogelijk.
    • We willen dat het geld in het mobiliteitsfonds ook aan andere dingen kan worden besteed dan mobiliteit en openbare ruimte. Daarom willen we de mogelijkheid onderzoeken om het fonds op te heffen, en de inkomsten uit parkeren integraal onderdeel te maken van de gemeentebegroting. We gaan geen geld meer stoppen in dure parkeergarages op plekken waar we ook zonder kunnen.
    • We verhogen de toeristenbelasting naar 8%. Bovenop de toeristenbelasting willen we een vaste prijs per overnachting invoeren. We draaien het verlagen van de precariobelasting terug en de vermakelijkheidsretributie stijgt mee. Gebruikers van de stad en haar ruimte dragen bij aan de kosten die de stad maakt. 69
    • Het beschikbare geld in de begroting moet uitgegeven worden aan de gestelde doelen, zodat grote onderbestedingen niet meer voorkomen. Er is gewoon ruimte in begrotingen om te investeren in mensen. In de portefeuilles zorg en armoede is dat de afgelopen jaar niet altijd gelukt, waardoor onderbesteed geld terugvloeide naar de algemene middelen. We passen de financiële spelregels aan zodat zorg- en armoedegeld binnen de portefeuille blijft en niet terugvloeit naar de algemene middelen. Want, geld voor zorg, moet naar zorg. Geld voor armoede, moet naar armoede.
    • Investeringen in de medewerkers van Amsterdam, zoals het aannemen van schoonmakers in vaste dienst zijn belangrijk. Daarmee kan de stad belangrijke opgaven en taken blijven uitvoeren. Investeren doen we niet alleen in de hoogste functies, maar juist ook voor medewerkers aan de basis van de organisatie.
    Voer de eerste vier cijfers van je postcode in. Als het gekozen postcodegebied in Amsterdam ligt zal deze uitleg vanzelf vervangen worden door onze standpunten voor je buurt.
    1. Heb je een suggestie? Vertel het ons hier